Sign. - Bevoegdheid tot parate executie


Als bijzondere zorgplicht van de bank geldt in casu niet de zorgplicht zoals die door de Hoge Raad in de aandelenleasezaken is aangenomen (HR 5 juni 2009, lJN BH2811 en 13 mei 2011, lJN BP6921). In deze arresten gaat het om risicovolle producten, als producten waarbij met geleend geld wordt belegd en overeenkomsten met betrekking tot opties en termijncontracten. De onderhavige kredietovereenkomsten betreffen echter niet dergelijke, niet of minder goed door de schuldenaar in te schatten risico's. Het gaat om een kredietsom van een bepaald bedrag en om duidelijke, in beginsel vaste maandelijkse betalingsverplichtingen, die alleen kunnen wisselen binnen de marge van de maximum kredietvergoeding. Eisers wisten vanaf het begin welke betalingsverplichtingen zij aangingen, althans zij hebben dit moeten weten. De bank heeft ten aanzien van de verschillende kredietovereenkomsten aannemelijk gemaakt dat zij informatie over de financiën van eisers heeft ingewonnen om het kredietplafond te kunnen bepalen en heeft in dit kader geen zorgplicht geschonden. De bank heeft de vordering vanwege betalingsachterstanden in september 2008 opeisbaar gesteld. Eisers verwijten de bank dat zij niet eerder heeft ingegrepen. Zij hebben echter, gelet op de betrekkelijke eenvoud van het product, vanaf het begin moeten weten welke betalingsverplichtingen zij aangingen. Ook in 2008 hadden eisers derhalve al geruime tijd op de hoogte moeten zijn van de steeds maar oplopende betalingsachterstand en de mogelijkheid dat de bank gebruik zou maken van haar executiebevoegdheid. Dit alles geldt in nog veel sterkere mate voor de opeisbaarheidstelling van de vordering in december 2011. Eisers zijn de betalingsregeling van € 1.500 per maand niet nagekomen en hebben sindsdien wel steeds een bedrag van zo'n € 730…

Verder lezen
Terug naar overzicht