Sign. - CGB 18 maart 2011, oordeel 2011-34


Werknemer is werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd voor de duur van één jaar. In de arbeidsovereenkomst staat dat bij naar tevredenheid functioneren deze na afloop zal worden omgezet in een overeenkomst voor de verdere looptijd van het project Maatschappelijke Stages. Gedurende de loop van de arbeidsovereenkomst wordt bij werknemer kanker geconstateerd. De werkgever besluit de arbeidsrelatie na afloop van de arbeidsovereenkomst niet te continueren. De reden hiervoor omschrijft de werkgever als volgt: Bij het nemen van haar besluit heeft het bestuur gekeken naar de eisen die het project Maatschappelijke Stages in de komende periode aan de organisatie stelt, alsmede naar de situatie waar jij je momenteel in bevindt. [...]. Zowel beleidsmatig als in de uitvoering van taken dient op meerdere facetten een grote doorontwikkeling plaats te vinden, [...]. Dit vraagt niet alleen veel, maar ook zeer intensieve deskundige inzet van de verantwoordelijke medewerker. [...]. Aangezien al een groot deel van de looptijd van het project verstreken is, ligt er veel druk op de komende periode. De organisatorische belangen en de verantwoordelijkheid van de [naam verweerster] voor een goede afwikkeling en verantwoording wegen heel zwaar. Dit alles is in de ogen van het bestuur niet verenigbaar met het re-integratietraject dat voor jouw herstel van groot belang is. De CGB oordeelt dat de kanker kan worden gezien als een chronische ziekte in de zin van de WGBH/CZ, nu deze een langdurig en een mogelijk terugkerend karakter heeft. Hoewel de Commissie de werkgever kan volgen in zijn stelling dat het voor deze functie, mede gegeven de tijdelijkheid van het project, van belang is dat de werknemer voldoende inzetbaar is, stelt de Commissie…

Verder lezen
Terug naar overzicht