Sign. - Energieleveranties tijdens faillissement


De curator heeft zich beroepen op de toepasselijkheid van art. 37b fw. Nu Stedin, al was zij ten tijde van het faillissement 'noodleverancier', kennelijk de verplichting op zich heeft genomen energie te leveren en dat de gefailleerde vóór het faillissement die energielevering heeft geaccepteerd, is art. 37b Fw van toepassing. Mede gelet op de achtergrond van art. 37b fw, dat ertoe strekt de bedrijfsvoering van de gefailleerde met het oog op een eventuele doorstart gedurende enige tijd zeker te stellen, moet Stedin dan ook als energieleverancier als bedoeld in art. 37b Fw worden beschouwd en moet de feitelijke situatie prevaleren boven de door Stedin gewenste, en overigens gebruikelijke, situatie dat Stedin slechts netbeheerder is en een andere vennootschap optreedt als leverancier. De wetgever heeft met art. 37b Fw beoogd een einde te maken aan de situatie dat een energieleverancier met een beroep op een opschortingsrecht met betrekking tot prefaillissementsschulden een bevoorrechte positie boven andere schuldeisers kan innemen. Om die reden is het een energieleverancier niet toegestaan op grond van tekortkomingen van vóór het faillissement, haar verplichtingen tot levering op te schorten of de overeenkomst te ontbinden. Stedin handelt in zoverre in strijd met art. 37b Fw en de duidelijke bedoeling van de wetgever. De wetgever heeft niet beoogd dat een energieleverancier gehouden is levering voor onbeperkte tijd voort te zetten bij een lege boedel. Alsdan levert zij immers feitelijk om niet. Het mag zo zijn dat dit risico ook voor andere boedelschuldeisers bestaat, maar die zijn niet (alle) gehouden hun werkzaamheden of hun dienstverlening op grond van een bepaling zoals art. 37b Fw voort te zetten. Het…

Verder lezen
Terug naar overzicht