Sign. - Ex-bestuurder die voor zichzelf is begonnen, doet eiser geen onrechtmatige concurrentie aan


Eiser stelt in een procedure voor de rechtbank dat zijn ex-bestuurder/ex-werknemer die voor zichzelf is begonnen haar onrechtmatige concurrentie aandoet. De rechtbank overweegt dat het uitgangspunt is dat een voormalige werknemer, zoals een ieder, vrij is om aan het economische leven deel te nemen. Verwijzend naar het arrest van de Hoge Raad d.d. 9 december 1955 (NJ 1956/157) overweegt de rechtbank dat een voormalige werknemer in beginsel jegens zijn vroegere werkgever niet onrechtmatig handelt, indien hij die ex-werkgever na afloop van het dienstverband beconcurreert, ongeacht of dit direct (met een eigen onderneming) of indirect (in dienst van een andere onderneming) gebeurt. Dit is slechts anders wanneer de werknemer stelselmatig klanten benadert die duurzaam met de voormalige werknemer zijn verbonden, en daarbij gebruik wordt gemaakt van kennis en gegevens die de werknemer heeft verkregen bij zijn voormalige werkgever. De rechtbank stelt vast dat de (gebrekkige) stellingen van eiser niet volstaan voor het oordeel dat gedaagde stelselmatig klanten van haar heeft benaderd, noch dat daarbij gebruik is gemaakt van kennis en gegevens die zij heeft verkregen bij eiser. Verder overweegt de rechtbank dat eiser weliswaar de namen van vier van haar klanten noemt die door gedaagde zouden zijn benaderd, maar dat niet zonder meer valt in te zien dat dit een relevant aantal is.

(Rb. Dordrecht 20 april 2011, LJN BQ2170)

(Rb. Dordrecht 20 april 2011, LJN BQ2170)

Verder lezen
Terug naar overzicht