Sign. - Executoriale verkoop aandelen, prijs en prospectusplicht


Het gaat in deze kwestie om een verzoek tot executoriale verkoop van aandelen in een aantal bv's. Bij de invulling van de haar in art. 474g lid 3 Rv opgedragen taak (bepaling van de wijze van en voorwaarden voor de verkoop) houdt de rechtbank rekening met een aantal bijzondere omstandigheden. Het betreft de verkoop van aandelen in bv's die samen in een groep zijn verbonden. Mede aangezien de vennootschappen hun jaarrekeningen kennelijk niet openbaar hebben gemaakt, is zonder nadere (financiële) gegevens de waarde van de aandelen moeilijk te bepalen. Verweerders moeten ervoor zorg dragen dat de dochtervennootschappen nadere (financiële) gegevens aan de deurwaarder ter beschikking stellen die de deurwaarder aan potentiële kopers ter inzage kan geven. Een en ander betekent dat de aandelen in het openbaar kunnen worden verkocht. Het prijsbepalingsmechanisme opgenomen (in de aanbiedingsregeling) in de statuten van de dochtervennootschappen hoeft niet te worden toegepast. Kenmerk voor een openbare verkoop (veiling) is juist dat daar de prijs wordt bepaald door de vraag. Over de vraag of in geval van een executoriale verkoop een prospectusplicht bestaat, geeft de wet(sgeschiedenis) geen uitsluitsel en in de literatuur bestaat hierover discussie. De Wft heeft tot doel de financiële markten en daarmee de reguliere handel in effecten te reguleren en is niet van toepassing in de bijzondere situatie van een executoriale verkoop van aandelen in een bv. In het geval van een executoriale verkoop (een veiling) bestaat bij de potentiële kopers geenszins de verwachting dat zij volledig worden voorgelicht over de factoren die de waarde van de aandelen bepalen. Dit volgt ook uit art. 7…

Verder lezen
Terug naar overzicht