Sign. - Factoringovereenkomst geen ongeldige titel cessie


 

Het hof heeft in zijn arrest overwogen als volgt: Art. 3:84 lid 3 BW bepaalt dat een rechtshandeling die ten doel heeft een goed over te dragen tot zekerheid of die de strekking mist het goed na de overdracht in het vermogen van de verkrijger te doen vallen, geen geldige titel is voor overdracht van dat goed. Deze maatstaf moet wat betreft het element "die ten doel heeft een goed over te dragen tot zekerheid", worden gezocht in het antwoord op de vraag of de rechtshandeling ertoe strekt de wederpartij in dier voege een zekerheidsrecht op het goed te verschaffen dat deze in zijn belangen als schuldeiser ten opzichte van andere schuldeisers wordt beschermd. Strekt de rechtshandeling tot werkelijke overdracht en heeft zij derhalve de strekking het goed zonder beperking op de verkrijger te doen overgaan – en deze aldus meer te verschaffen dan enkel een recht op het goed dat hem in zijn belang als schuldeiser beschermt – dan staat art. 3:84 lid 3 BW daaraan niet in de weg. De overeenkomst van partijen strekt tot werkelijke overdracht zoals hiervoor bedoeld. Uit de contractuele regeling (de factoringovereenkomst, de side-letter en – voor zover daarvan niet is afgeweken – de Algemene Voorwaarden) volgt dat alle betrokken vorderingen zonder relevante beperking krachtens verkoop op geïntimeerde zouden overgaan, waarna geïntimeerde de tot haar vermogen behorende vorderingen zou gaan innen. Voor de vorderingen is verder een normale prijs betaald. Uit de regeling van het debiteurenrisico, meer in het bijzonder de omstandigheid dat wanneer en voor zover de vordering niet (terstond) inbaar bleek, het voor de vordering betaalde bedrag door failliet moest…

Verder lezen
Terug naar overzicht