Sign. - Geen aansprakelijkheid voor mogelijkheid beleggen in Lehman notes


 

De Stichting Hulp gedupeerden stelt dat Wijs & Van Oostveen onrechtmatig jegens cedenten (beleggers die in bij Wijs & Van Oostveen gekochte, door lehman Brothers Treasury & Co BV uitgegeven, notes hebben belegd en die hun vordering op Wijs & Van Oostveen middels een overeenkomst tot lastgeving ter incasso aan de Stichting hebben gecedeerd) heeft gehandeld omdat de inhoud van het prospectus, de brochures en de term sheets strijdig zijn met de art. 4:19, 5:13 en 5:20 Wft en omdat zij zich door het verstrekken van die informatie schuldig heeft gemaakt aan oneerlijke handelspraktijken in de zin van afdeling 3a van titel 3 van boek 6 BW en misleidende reclame (art. 6:194 (oud) BW). De art. 5:13 en 5:20 Wft zijn blijkens art. 5:12 Wft echter slechts gericht op de uitgevende instelling van de notes, de aanvrager van de toelating van de notes tot de handel op de gereglementeerde markt en de aanbieder van de notes. Nu Wijs & Van Oostveen niet als zodanig kan worden gekwalificeerd, kan een eventuele schending van deze wettelijke bepalingen haar niet worden verweten. Wijs & Van Oostveen heeft niet het prospectus verstrekt, beschikbaar gesteld, openbaar gemaakt of openbaar laten maken in de zin van art. 4:19 Wft, art. 6:194 (oud) respectievelijk 6:193c BW. Wat betreft de vraag of Wijs & Van Oostveen zich schuldig heeft gemaakt aan oneerlijke handelspraktijken, althans aan het openbaar maken van misleidende reclame, dan wel niet aan haar verplichting correcte, duidelijke en niet misleidende informatie…

Verder lezen
Terug naar overzicht