Sign. - Geen verkrijging Nederlanderschap vanwege polygaam huwelijk vader ten tijde van geboorte


M is in 1942 in Pakistan geboren. In 1978 is hij in Pakistan getrouwd met V1, geboren in 1955 in Pakistan. Aan beiden is de Nederlandse nationaliteit verleend. M heeft V1 in 1993 in Pakistan verstoten door middel van een Talaq-akte. In 1994 is M in Pakistan getrouwd met V2. Dit huwelijk is door de gemeente Den Haag in de gemeentelijke basisadministratie ingeschreven met ingangsdatum 11 februari 1994. Uit dit huwelijk zijn de kinderen A en B geboren, respectievelijk in 1994 en 1997. Zowel A als B zijn in Pakistan geboren. Het huwelijk van M met V1 is in 1997 in Nederland door echtscheiding ontbonden. In 2005 zijn aan A en B door de Nederlandse ambassade te Islamabad Nederlandse paspoorten afgegeven. In 2010 heeft de minister van Buitenlandse Zaken zich op het standpunt gesteld dat A en B niet in het bezit zijn van de Nederlandse nationaliteit en dat aan hen derhalve ten onrechte Nederlandse paspoorten zijn verstrekt. A en B verzoeken de rechtbank vast te stellen dat zij sinds hun geboorte dan wel op enig tijdstip daarna het Nederlanderschap (van rechtswege) hebben verkregen.
Vaststaat dat het huwelijk van M met V2 (de moeder van A en B) aanvankelijk in Nederland niet kon worden erkend en worden geregistreerd, omdat de ontbinding in Pakistan van het eerste huwelijk van M (door middel van verstoting) niet voldeed aan de Nederlandse erkenningsvoorwaarden. De ontbinding door verstoting was hierdoor in strijd met de Nederlandse openbare orde. Immers, op grond van artikel 10:31 lid 1 BW wordt een buiten Nederland gesloten huwelijk dat ingevolge het recht van de staat waar de huwelijksvoltrekking…

Terug naar overzicht