Sign. - Hof Arnhem 22 september 2009


De arbeidsovereenkomst tussen partijen is ontbonden op initiatief van de werkgever onder toekenning van een vergoeding. Daarboven maakt de werknemer na de ontbindingsprocedure aanspraak op betaling van wachtgeld op grond van de cao. Wachtgeldrechten zijn echter niet ter sprake gekomen in de ontbindingsprocedure. De werkgever weigert naast de ontbindingsvergoeding ook wachtgeld te betalen. Volgens de werkgever zou de kantonrechter geen of een lagere vergoeding hebben toegekend, zou hij hebben geweten van de wachtgeldregeling. Het hof oordeelt dat gelet op de bewoordingen van art. 34a van de cao onder lsquobeëindiging door de werkgeverrsquo mede begrepen moet worden ontbinding door de kantonrechter op initiatief van de werkgever. Hierdoor dient de werknemer, ook nu zijn arbeidsovereenkomst is ontbonden, wachtgeld te ontvangen. Uitbetaling van wachtgeld naast de ontbindingsvergoeding is volgens het hof naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar; hiervoor heeft de werkgever te weinig concrete feiten en omstandigheden gesteld. Toepassing van de maatstaf van art. 6:248 lid 2 BW leidt volgens het hof tot dezelfde uitkomst.

(LJN BL4670)

(LJN BL4670)

Verder lezen
Terug naar overzicht