Sign. - Kennelijk onredelijk ontslag ondanks aansluitende nieuwe baan, vergoeding gebaseerd op lager salaris en pensioenschade gedurende twee jaar


In verband met grote verliezen heeft werkgever in 2009 besloten te reorganiseren. Werkgever heeft de arbeidsovereenkomst met werkneemster (meer dan twintig jaar in dienst) met een ontslagvergunning opgezegd per 1 januari 2010. Er is geen voorziening voor werkneemster terwijl er voor werknemers die begin 2009 ontslagen werden wel een sociaal plan was. Werkneemster heeft zonder enige hulp van werkgeefster per 15 december 2009 een nieuwe baan gevonden. Werkgever heeft vanaf die datum het loon niet meer betaald. Saillant detail is dat de nieuwe werkgever van werkneemster onderdeel uitmaakt van hetzelfde concern als gedaagde partij. Werkneemster vordert achterstallig loon en een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. Het achterstallig loon wordt toegekend; werkneemster was vrijgesteld van werkzaamheden. Niet is gebleken dat zij zelf ontslag heeft genomen. Niet vast staat dat werkneemster, indien opgeroepen, geen gevolg zou hebben gegeven aan die oproep werkzaamheden te verrichten. De werkgever heeft in strijd gehandeld met goed werkgeverschap en de gevolgen van de opzegging voor werkneemster zijn te ernstig in vergelijking met het belang van werkgever. Afgezien van het vrijstellen van werkneemster na afgifte van de verleende ontslagvergunning heeft werkgever niets gedaan om de gevolgen van de opzegging voor haar te verzachten. Het lsquohabe nichtsrsquo-verweer passeert de kantonrechter. De schade die werkneemster lijdt als gevolg van de opzegging bestaat uit het lagere nieuwe salaris en pensioenschade. De door werkgever gepleegde tekortkomingen zijn van dien aard dat, mede gelet op de lengte van het dienstverband, de door werkgever te betalen vergoeding wordt gesteld op het gedurende twee jaar door werkneemster gederfde salaris plus haar pensioenschade.

(Ktr. Amsterdam 22 oktober 2010, LJN BO8426)

(Ktr. …

Verder lezen
Terug naar overzicht