Sign. - Misleiding


Aansprakelijkheid bestuurder op grond van art. 2:249 BW. Vraag is of de (in de) kolommenbalans (opgenomen cijfers) kan (kunnen) worden gekwalificeerd als tussentijdse cijfers zoals bedoeld in art. 2:249 BW. Er bestaat geen wettelijke definitie van tussentijdse cijfers zoals bedoeld in art. 2:249 BW en ook in de wetsgeschiedenis is geen definitie van bedoeld begrip opgenomen. De strekking van de (gewijzigde) tekst van art. 2:139 BW (en naar het oordeel van het hof mutatis mutandis van art. 2:249 BW) wordt in de wetsgeschiedenis toegelicht door te verwijzen naar onder andere de tussentijdse vermogensopstelling als bedoeld in art. 2:105 lid 4 BW. Daar worden aan de tussentijdse vermogensopstelling diverse eisen gesteld ten aanzien van de waarderingsmethoden, opname van te reserveren bedragen en verantwoordelijkheid van de bestuurder(s). De door bestuurder Van Valen aan de tuinders (de schuldeisers van de vennootschap) getoonde en verstrekte kolommenbalans betreft naar het oordeel van het hof daarentegen slechts een onderdeel van de interne boekhouding dat dient als werkdocument voor de jaarrekening. De kolommenbalans heeft uit de aard van de zaak een voorlopig karakter, waarbij zich nog correcties kunnen voordoen en is niet voorzien van een toelichting. Daarbij staat vast dat Van Valen de kolommenbalans op de dag van de bespreking met de tuinders heeft geprint en ook als een stuk uit de interne boekhouding heeft gepresenteerd. Onder deze omstandigheden kan de kolommenbalans niet worden gekwalificeerd als "tussentijdse cijfers" zoals bedoeld in art. 2:249 BW. Onrechtmatige daad. Van Valen was indirect grootaandeelhouder en tevens…

Verder lezen
Terug naar overzicht