Sign. - Nietig ontslag op staande voet, niet onverwijld verleend, niet dragen bedrijfskleding zes minuten voor sluitingstijd geen dringende reden


Werkgever, een supermarktketen, was er op 20 maart 2007 mee bekend geraakt, dat werkneemster op die dag ongeveer zes minuten voor het einde van haar werktijd in haar eigen kleding, dus niet in de voorgeschreven bedrijfskleding, klanten heeft geholpen. Zij had zich al omgekleed wegens een afspraak kort na werktijd, maar zag dat er nog veel klanten in de winkel waren zodat zij haar werk lsquoachter de schermenrsquo zoals opruimen, afsluiten van de computer en dergelijke, heeft onderbroken om in de winkel nog even bij te springen. Werkgever voert aan dat het tot 28 maart 2007 heeft moeten duren voordat zij tot het ontslag heeft kunnen overgaan, omdat zij eerst tijd nodig had de overtreding van de regels aan de hand van videomateriaal te laten vaststellen door het Security Management. Voorts heeft werkgever bij haar advocaat advies ingewonnen op 25 en 28 maart 2007 en was de directie niet eerder bereikbaar voor overleg, noch was het personeelsdossier meteen beschikbaar. Werkgever stelt dat haar voor dit alles enige tijd moest worden gegund. De kantonrechter heeft geoordeeld dat het ontslag op staande voet niet onverwijld is verleend en reeds om die reden niet rechtsgeldig is. Het hof oordeelt dat de trage interne gang van zaken werkgever niet onthief van haar plicht jegens de werknemer voortvarender te werk te gaan dan nu is gebeurd. Het hof is van oordeel dat aldus niet is voldaan aan de eis dat het ontslag onverwijld wordt gegeven. Het hof betrekt daarbij dat werkgever de dagen na de ontdekking van de overtreding werkneemster normaal heeft laten doorwerken zonder haar op de hoogte te stellen van het beraad en dat werkgever de overtreding blijkbaar niet zo…

Verder lezen
Terug naar overzicht