Sign. - Nihilstelling alimentatie in geval van faillissement alimentatieplichtige


M en V waren van 1991 tot 2007 met elkaar gehuwd. Uit dit huwelijk zijn een zoon en een dochter geboren. Begin 2007 is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en bepaald dat de verblijfplaats van de kinderen bij V is. Ook is bepaald dat M aan V een bedrag van € 450 per kind per maand aan kinderalimentatie dient te betalen. M is failliet verklaard.
De zoon verblijft op het moment van het wijzen van arrest nog steeds bij V. In 2011 heeft de rechtbank bepaald dat de dochter haar gewone verblijfplaats bij M heeft. Feitelijk woonde zij al sinds augustus 2009 bij hem. M woont inmiddels samen met een nieuwe partner.
M verzoekt de door hem verschuldigde bijdrage in de kosten en verzorging van de dochter te beëindigen, en deze bijdrage wat de zoon aangaat op nihil te stellen. De dochter woont inmiddels bij hem en zijn huidige partner voorziet in haar levensonderhoud, aldus M. Wat de zoon betreft beroept M zich erop dat hij failliet is verklaard en geen inkomen heeft.
De rechtbank heeft dit verzoek toegewezen, waarop V in hoger beroep gaat. In het beroep was uitsluitend nog de bijdrage voor de zoon aan de orde. Het hof heeft de bestreden beschikking vernietigd en het verzoek van M alsnog afgewezen. Het hof overwoog, kort samengevat, dat M de door hem gestelde burn-out niet heeft onderbouwd en bovendien niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij genoegzaam heeft voldaan aan zijn plicht zich in te spannen om inkomen te verwerven. Het hof achtte het dan ook redelijk uit te gaan van een zodanige verdiencapaciteit dat M in staat is om de door…

Terug naar overzicht