Sign. - Ontslag op staande voet wegens vrees voor reputatieschade na participatie werkneemster in erotische film nietig


Werkneemster is als leerling-kok in dienst bij een hotel voor bepaalde tijd en wel van 1 september 2009 tot en met 31 augustus 2010. In februari 2010 heeft werkneemster meegewerkt aan een erotisch getinte film die tegen betaling voor derden toegankelijk is op een erotische website. Werkgever heeft werkneemster op staande voet ontslagen vanwege de vrees voor negatieve reclame en het feit dat werkneemster haar nevenactiviteit in strijd met een bepaling in de cao (voor het horeca- en aanverwante bedrijf) niet heeft gemeld. De kantonrechter oordeelt dat de handelwijze van werkneemster geen dringende reden oplevert; de gewraakte handelingen van werkneemster speelden zich volledig af in haar privésfeer. Deze hebben geen enkel raakvlak met de bedrijfsactiviteiten van de werkgever en met de functie van werkneemster. Vaststaat dat werkneemster in haar functie van leerling-kok op geen enkele wijze contact heeft met de klanten van werkgever. Tot slot is van belang dat de arbeidsovereenkomst in het kader van de opleiding van werkneemster is aangegaan voor de duur van één jaar. Een eventuele vroegtijdige beëindiging van de arbeidsovereenkomst heeft voor werkneemster gevolgen voor wat betreft het succesvol afronden van haar opleiding. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft werkgever voorts niet aannemelijk weten te maken dat zij bij continuering van het dienstverband met werkneemster daadwerkelijk moet vrezen voor negatieve reclame en reputatieschade. Het enkele feit dat werkneemster haar meldingsplicht voor nevenactiviteiten zou hebben geschonden, is niet dusdanig ernstig dat dit een dringende reden oplevert. Daarbij wordt in het midden gelaten of het meewerken aan een opname van een erotische film als nevenarbeid kan worden aangemerkt. De loonvordering van werkneemster wordt toegewezen, de reconventionele schadevordering van werkgever wordt afgewezen…

Verder lezen
Terug naar overzicht