Sign. - Opschorten loon is niet hetzelfde als een loonsanctie. De werkgever dient zijn woorden zorgvuldig te kiezen


De werknemer is in 2005 wegens ziekte uitgevallen en verricht werkzaamheden op arbeidstherapeutische basis. De werkgever heeft in 2007 opdracht gegeven om een arbeidsdeskundig onderzoek te verrichten naar de re-integratiemogelijkheden van de werknemer. Er wordt geadviseerd de werknemer te begeleiden naar ander werk bij een andere werkgever. De werknemer weigert hieraan mee te werken. De werkgever heeft het salaris met directe ingang opgeschort omdat de werknemer niet meewerkt aan zijn re-integratie. Het UWV oordeelt dat de werkgever in het kader van de Wet Verbetering poortwachter adequaat heeft gehandeld en het loon terecht is opgeschort. De werkgever weigert vervolgens het opgeschorte loon te betalen omdat sprake is van een loonsanctie. De werknemer vordert zowel in eerste aanleg als in hoger beroep achterstallig salaris. Het Hof oordeelt in lijn met de kantonrechter dat nu de werkgever zelf spreekt over het opschorten van loon, het opgeschorte loon alsnog moet worden voldaan op het moment dat de reden tot opschorting wegvalt. Dat de werkgever ook de loonsanctie had kunnen toepassen is geen reden om het opschorten van het loon in feite als stopzetting hiervan aan te merken. Van een werkgever mag, zeker waar een voor de werknemer zo ingrijpend middel wordt ingezet als de loonsanctie, worden verwacht dat hij zijn woorden zorgvuldig kiest, aldus het Hof. Volgt bekrachtiging van het vonnis van de kantonrechter.

(Hof Leeuwarden, 29 maart 2011, HD 200.043.815/01)

(Hof Leeuwarden, 29 maart 2011, HD 200.043.815/01)

Verder lezen
Terug naar overzicht