Sign. - Overgang van onderneming in CAO Schoonmaak- en glazenwassersbedrijf


Werknemer is in dienst bij een schoonmaakbedrijf. Op de arbeidsovereenkomst is de CAO Schoonmaak- en glazenwassersbedrijf van toepassing. Hierin is bepaald dat een schoonmaakbedrijf bij contractswisseling verplicht is bij de het contract betrokken werknemers een arbeidsovereenkomst aan te bieden. In het kader van een contractswisseling wordt aan werknemer een arbeidsovereenkomst aangeboden bij het overnemende schoonmaakbedrijf ISS. Werknemer weigert dit in verband met de aangeboden werktijden en de reiskostenvergoeding. Werknemer is van mening dat hij in dienst is gebleven bij zijn oorspronkelijke werkgever, die echter van mening is dat werknemer op grond van een overgang van onderneming is overgegaan naar ISS. Het hof oordeelt dat of er een overgang van onderneming plaatsvindt, bepaald dient te worden aan de hand van toepassing van de wettelijke regeling van art. 7:662 e.v. BW en dat dit niet vóóraf bij cao kan worden geregeld. In een arbeidsintensieve sector als de schoonmaaksector is sprake van een economische eenheid die haar identiteit behoudt indien een belangrijk aantal van de werknemers daadwerkelijk overgaat naar de onderneming die een project heeft verworven. In onderhavig geval is aan drie van de vier betrokken werknemers aangeboden in dienst te treden bij ISS. Slechts één van de vier werknemers is bij ISS in dienst getreden. Nu er verder geen feiten en omstandigheden zijn aangevoerd die ertoe zouden moeten leiden dat er sprake is van een economische eenheid, concludeert het hof dat werknemer niet op grond van een overgang van onderneming bij ISS in dienst is gekomen. (Hof 's-Hertogenbosch 14 april 2009, LJN BL1457, RAR 2009, 91)

(Hof 's-Hertogenbosch 14 april 2009, LJN BL1457, …

Verder lezen
Terug naar overzicht