Sign. - P. Foubert, ‘Wel goed, niet gek: borstvoedingsverlof voor haar... en voor hem!'


In de zaak Roca Álvarez besliste het Hof van Justitie dat het door een Spaanse werkgever aan een van zijn mannelijke werknemers onthouden van een recht op lsquoborstvoedingsverlof' in strijd was met Richtlijn 76/207 inzake de gelijke behandeling van mannelijke en vrouwelijke werknemers. De auteur juicht deze beslissing toe, maar meent dat men zich ervoor dient te hoeden deze uitspraak al te veel baanbrekende eigenschappen toe te dichten. In de eerste plaats, omdat het Spaanse lsquoborstvoedingsverlof' de facto een lsquoouderschapsverlof'
bleek te zijn. Vanuit deze optiek ontwaarde het hof een discriminatie in het feit dat werkneemsters, moeders van jonge kinderen, een zelfstandig recht op zorgverlof hadden, terwijl werknemers, vaders van jonge kinderen, slechts over een afgeleid recht beschikten. In de tweede plaats is de waarde van het pleidooi van het hof voor een gelijk aandeel van mannen in de zorg voor kinderen volgens de auteur uiterst relatief. In Roca Álvarez was, anders dan in de zaak Hofmann, immers niet een regeling aan de orde die de bijzondere relatie tussen moeder en kind beoogde te beschermen. De onderhavige verlofregeling, hoewel oorspronkelijk voorbehouden aan vrouwen, werd in de praktijk immers ook toegekend aan mannen. Het hof werd dus niet gedwongen een standpunt in te nemen over de vraag of lidstaten hun ruime beoordelingsmarge moeten behouden voor wat betreft sociale maatregelen die aan werkneemsters worden voorbehouden op grond van de bijzondere moeder-kindrelatie. Het zijn volgens de auteur echter juist deze regelingen die - in de huidige stand van de rechtspraak van het Hof van Justitie - nog steeds toelaten dat aan moeders de zorg voor jonge kinderen wordt opgedrongen en aan mannen…

Verder lezen
Terug naar overzicht