Naar de inhoud

Sign. - Repeterende verzoeken tot wijziging kinderalimentatie

De rechtbank stelt vast dat de man wijziging verzoekt van het tussen partijen overeengekomen echtscheidingsconvenant. Voor een dergelijke wijziging is plaats in geval van gewijzigde feiten of omstandigheden die maken dat de overeengekomen kinderalimentatie niet langer voldoet aan de wettelijke maatstaven. De man grondt zijn huidige verzoek op omstandigheden die hij reeds in eerdere procedures aan de orde heeft gesteld en ten aanzien waarvan in eerdere beschikkingen is geoordeeld dat deze geen aanleiding geven voor een herbeoordeling van de door de man verschuldigde kinderalimentatie. De ingevolge artikel 1:401 lid 1 BW bestaande mogelijkheid een wijziging van de overeengekomen alimentatie te verzoeken, houdt niet in dat een partij telkens opnieuw een heroverweging kan krijgen van stellingen waarover reeds in een eerdere – in kracht van gewijsde gegane – uitspraak is beslist. Een en ander brengt met zich dat in deze procedure alleen niet eerder aan de orde gestelde feiten en omstandigheden kunnen worden beoordeeld. Dergelijke nieuwe omstandigheden zijn evenwel gesteld noch gebleken.
Ingevolge artikel 289 Rv, bezien in samenhang met de artikelen 237 en verder van deze wet, kan de rechtbank – al dan niet ambtshalve – een proceskostenveroordeling uitspreken. In verzoekschriftprocedures tussen gewezen echtgenoten worden de proceskosten doorgaans gecompenseerd, aldus dat iedere partij zijn eigen kosten draagt.
De rechtbank stelt vast dat de man sinds de echtscheiding in 2005 verschillende procedures met betrekking tot de kinderalimentatie is gestart, waarin hij veelal dezelfde stellingen betrekt. In totaal zijn tussen partijen negen procedures aanhangig geweest en deze procedure is de zevende die betrekking heeft op de door de man verschuldigde kinderalimentatie. Tot op heden heeft geen van de gevoerde procedures tot het door de man gewenste resultaat geleid. De…