Sign. - Tegenstrijdig belang, een einde aan de externe werking?


Met de inwerkingtreding van de Wet bestuur en toezicht zal de huidige tegenstrijdig belangregeling van art. 2:146/256 BW worden afgeschaft. Op grond van de nieuwe regeling mogen bestuurders die een direct of indirect persoonlijk belang hebben dat strijdig is met het belang van de vennootschap, niet deelnemen aan de beraadslaging en de besluitvorming. De nieuwe regeling heeft, in tegenstelling tot de huidige regeling, slechts betrekking op de wijze van besluitvorming en niet meer op de vertegenwoordiging van de vennootschap. Hierdoor komt er een einde aan de externe werking, waardoor aangegane rechtshandelingen in beginsel rechtsgeldig zijn. Ondanks het naderende einde van de externe werking leeft het onderwerp nog steeds erg in de praktijk. De schrijver bespreekt het arrest van de Hoge Raad inzake M.E. Beheer van 14 oktober 2010 («JOR» 2011/363). In deze zaak kwam zowel de plicht de algemene vergadering te informeren over de aanwezigheid van een tegenstrijdig belang, als de vraag of sprake was van parallelle belangen tussen bestuurder en vennootschap, aan de orde. (JutD 2011, nr. 23, p. 16, mr. dr. S. Parijs)

Verder lezen
Terug naar overzicht