Sign. - Toepasselijk recht


Partijen twisten over de vraag of hun rechtsverhouding wordt beheerst door Duits of Nederlands recht. Niehoff (in Duitsland woonachtig) stelt zich op het standpunt dat het Duitse recht van toepassing is omdat de onrechtmatige daad in Duitsland is gepleegd. Ad Kurstjens Beheer BV en A.M.M. Kurstjens (Kurstjens c.s.) stellen dat het Nederlandse recht van toepassing is, nu zij in Nederland gevestigd/woonachtig zijn. in beginsel dient de vraag welk recht van toepassing is op een onrechtmatige daad te worden beoordeeld op grond van de Egverordening nr. 864/2007 (Rome ii). in het onderhavige geval stelt Niehoff zich echter op het standpunt dat Kurstjens c.s. aansprakelijk zijn in hun hoedanigheid van (middellijk) bestuurder van Queens Hotelgroup BV (QHC). Deze persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder is uitgesloten van het toepassingsgebied van de verordening (art. 1 lid 2, sub d). De rechtbank moet dus aan de hand van het Nederlandse commune internationale privaatrecht bepalen hoe de rechtsverhouding tussen partijen moet worden gekwalificeerd. Met betrekking tot de onderhavige vordering heeft de rechtbank de keuze tussen de WCOD en de WCC. Op grond van de WCC moet de vordering van Niehoff worden beoordeeld naar Nederlands recht. Volgens art. 2 WCC wordt een vennootschap beheerst door het recht van de staat van oprichting. ingevolge art. 3 sub e WCC beheerst het op een vennootschap toepasselijke recht ook de vraag wie naast de vennootschap, voor de handelingen waardoor de vennootschap wordt verbonden, aansprakelijk is uit hoofde van een bepaalde hoedanigheid zoals die van bestuurder. Het handelen van Kurstjens c.s. …

Verder lezen
Terug naar overzicht