Sign. - Toestemming kantonrechter opzegging arbeidsovereenkomst met commissielid


Bouwbedrijf Heijmans (de werkgever) is bezig met een reorganisatie waarbij voor een groot aantal werknemers ontslag is gevraagd of zal worden gevraagd bij UWV. Tevens is bij UWV een melding lsquocollectief ontslagrsquo op grond van art. 3 van de WMCO gedaan. In het kader van deze reorganisatie verzoekt de werkgever de kantonrechter op grond van art. 7:670a lid 2 BW om toestemming om de arbeidsovereenkomst met een werknemer die lid is van de Onderdeelcommissie op te zeggen. De kantonrechter overweegt dat hij dient te toetsen of er een verband bestaat tussen de opzegging en het door art. 7:670a BW te beschermen belang en dat hij de gevraagde toestemming alleen mag verlenen indien de werkgever aannemelijk maakt dat de opzegging geen verband houdt met de hoedanigheid van de werknemer. De kantonrechter verleent Heijmans toestemming om de arbeidsovereenkomst met deze werknemer op te zeggen. De opzegging houdt op zichzelf verband met een reorganisatie en heeft geen relatie met het lidmaatschap van de Onderdeelcommissie, aldus de kantonrechter. Het is verder onvoldoende aannemelijk geworden, zoals gesteld door de werknemer, dat de werkgever, naar aanleiding van een ruzie tussen de werknemer en de directeur, de indeling van de werknemer in de na de reorganisatie nog bestaande functiegroepen zodanig heeft gemanipuleerd, dat toepassing van het afspiegelingsbeginsel tot het ontslag van werknemer heeft geleid. (Ktr. Heerenveen 10 augustus 2009, LJN BJ6424, lsquoHeijmansrsquo)

(Ktr. Heerenveen 10 augustus 2009, LJN BJ6424, ‘Heijmans’)

Verder lezen
Terug naar overzicht