Sign. - Verzoek failliet aan voorzieningenrechter


De failliet verzoekt de voorzieningenrechter de curator een verbod op te leggen tot verkoop en ontruiming van zijn woning. Vraag is of hij in zijn verzoek ontvankelijk is. De curator is van oordeel dat failliet zich op grond van art. 69 fw tot de rechtercommissaris moet wenden. In zijn arrest van 19 mei 1989 (NJ 1989, 784) heeft de Hoge Raad overwogen dat het belang van een vlotte afwikkeling van faillissementen zich ertegen verzet dat met betrekking tot de wijze waarop de boedel wordt beheerd en vereffend en het dienaangaande door curator en rechter-commissaris gevoerde beleid, aan schuldeisers bevoegdheden tot interventie worden toegekend die niet in de faillissementswet zijn voorzien. Art. 69 fw heeft niet de strekking om degenen die in art. 69 fw worden genoemd de mogelijkheid te geven persoonlijke rechten tegenover de boedel geldend te maken. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 10 mei 1985 (NJ 1985, 792) ten gunste van de gefailleerde een uitzondering gemaakt omdat het wenselijk is dat in geschillen omtrent de gefailleerde persoonlijk toekomende rechten op eenvoudige, voor de gefailleerde zo min mogelijk kosten met zich brengende wijze kan worden beslist. Omdat de gefailleerde in afwijking van de hoofdregel op grond van art. 69 fw persoonlijke rechten jegens de boedel geldend kan maken, is art. 69 fw voor zover het gaat om het geldend maken van persoonlijke rechten door de gefailleerde niet exclusief. Art. 69 fw sluit dan ook niet uit dat de gefailleerde in plaats van de rechter-commissaris te adiëren zich tot de voorzieningenrechter wendt. (Vrzngr. Rb. 's-Hertogenbosch 8 april 2011, LJN BQ1549, «…

Verder lezen
Terug naar overzicht