Sign. - Wederindiensttredingsvoorwaarde in beschikking UWV WERKbedrijf ziet alleen op de bedrijfsvestiging waarop afspiegelingsbeginsel is toegepast


Werknemer is sinds 1991 in dienst van werkgever bij de bedrijfsvestiging van werkgever in Leeuwarden. Werkgever zegt de arbeidsovereenkomst met werknemer op per 4 december 2010 met toestemming van UWV WERKbedrijf. In de ontslagbeschikking is een wederindiensttredingsvoorwaarde opgenomen. Werknemer stelt dat werkgever in strijd met deze voorwaarde in de ontslagbeschikking heeft gehandeld door - na de door UWV WERKbedrijf verleende toestemming voor ontslag - op structurele basis uitzendkrachten in te huren op de bedrijfsvestiging in Drachten. Werknemer stelt zich op standpunt dat niet relevant is of de beide bedrijfsvestigingen zelfstandige, aparte bedrijfsvestigingen zijn of niet. Dit speelt alleen een rol bij het toepassen van het afspiegelingsbeginsel in de UWV WERKbedrijf-procedure en niet bij de beoordeling van de vraag of de werkgever handelt conform de wederindiensttredingsvoorwaarde. Het gaat erom dat lsquode werkgever' binnen 26 weken geen werknemers of uitzendkrachten aanneemt. De kantonrechter oordeelt als volgt. Voor de vraag of de voorwaarde is ingetreden geldt als uitgangspunt dat slechts wordt gekeken naar de bedrijfsvestiging waarop in het kader van de verleende ontslagtoestemming het afspiegelingsbeginsel is toegepast. De kantonrechter ziet niet dat het toepassingsgebied van de voorwaarde ruimer zou moeten zijn. De uitleg van werknemer zou ook leiden tot onredelijke en onwerkbare situaties, omdat in dat geval niet alleen de vestigingen van werkgever in Drachten en Leeuwarden in aanmerking zouden komen als locaties voor wederindiensttreding, maar ook vestigingen in het zuiden van Nederland.

(Ktr. Leeuwarden 8 april 2011, LJN BQ0962)

(Ktr. Leeuwarden 8 april 2011, LJN BQ0962)

Verder lezen
Terug naar overzicht