Terugwerkende kracht tijdelijke verlaging overdrachtsbelasting


Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft een reactie gegeven op de petitie voor een ruimere terugwerkende kracht regeling betreffende de tijdelijke verlaging van de overdrachtsbelasting die aan de vaste commissie van Financiën is aangeboden. In de petitie werd een voorstel gedaan om aan de tijdelijke verlaging van het tarief van de overdrachtsbelasting een terugwerkende kracht toe te kennen tot 15 september 2010. Weekers wil aan dit voorstel geen gevolg geven. De belangrijkste overweging hiervoor is dat naar zijn mening geen sprake is van een ongelijke behandeling van gelijke gevallen.

[MvF:DV/2011/596U, 9 februari 2012]

Inmiddels heeft ook Rechtbank Breda zich over dit vraagstuk uitgelaten. In die casus verkreeg belanghebbende op 7 juni 2011 (dus buiten de termijn die geldt voor de tijdelijke verlaging) bij notariële akte, samen met [partner] en ieder voor zich de onverdeelde helft, de eigendom van de woning. Belanghebbende meent dat de inspecteur in strijd heeft gehandeld met het gelijkheidsbeginsel door het verlaagde tarief te onthouden en voorts dat andere belastingplichtigen contra legem bevoordeeld zijn. Zij beroept zich op schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur, de Grondwet, de beginselen van behoorlijke wetgeving en van het gelijkheidsbeginsel dat is neergelegd in het IVBPR en EVRM.

Volgens Rechtbank Breda kan niet worden gezegd dat de inspecteur heeft gehandeld in strijd met het gelijkheidsbeginsel als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. De uitspraak dat terecht 6% overdrachtsbelasting is voldaan, is immers in overeenstemming met de wet en niet is gesteld of gebleken dat de inspecteur het beleid had om af te wijken van de wet. Evenmin vormt de beperking van de terugwerkende kracht tot leveringen op of…

Verder lezen
Terug naar overzicht