Toekenning opsporingsbevoegdheid Flora- en Faunawet aan buitengewoon opsporingsambtenaren [Tekst geldig vanaf 01-01-2017]

[Tekst geldig vanaf 01-01-2017]



De Minister van Justitie,

Gelet op artikel 17, eerste lid, aanhef en onder ten tweede, van de Wet op de economische delicten;

Handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Besluit:


Artikel 1

De buitengewoon opsporingsambtenaren met de functie van flora- en faunabeheerder worden aangewezen als ambtenaren, belast met de opsporing van de bij of krachtens de hoofdstuk 3 van de Wet natuurbescherming strafbaar gestelde feiten.


Artikel 2

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 2002.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 3 juni 2002

De Minister van Justitie,

A.H. Korthals
Verder lezen
Terug naar overzicht