Tweede kwijtschelding hing niet samen met verkrijging onroerende zaak


Moeder (M) draagt op 14 mei 1998 een onroerende zaak over aan haar dochter (D). De koopprijs blijft D schuldig aan M. Op dezelfde dag scheldt M een deel van de koopprijs kwijt. Op 24 december 1998 besluit M nogmaals een deel van de schuld kwijt te schelden.

Aan het Hof wordt de vraag voorgelegd of er voldoende samenhang bestaat tussen de tweede kwijtschelding en de verkrijging van de onroerende zaak. Bij een positief antwoord strekt de betaalde overdrachtsbelasting ook in mindering op het schenkingsrecht ter zake…

Verder lezen