Uitgangspunt: bank mag executeren. Geen uitzonderlijke situatie


Appellante (A) stelt zich in dit kort geding op het standpunt dat de bank tot verhaal van haar vordering op haar vroegere partner H ten onrechte gebruik heeft gemaakt van haar hypotheekrecht ten laste van de (mede) aan A toebehorende woning en zich niet (eerst) heeft verhaald op het vermogen van H. A voert daartoe aan dat zij niet de schuldenaar was van de bank (maar alleen H), dat zij vanaf 17 maart 2016 enig eigenaar was van de woning en dat H zelf voldoende verhaal

Verder lezen
Terug naar overzicht