Uitstoting van díe aandeelhouder die belang van vennootschap minder dient (2011.2.2005)


A BV en B houden ieder 50% van het geplaatste aandelenkapitaal in de BV C. B is enig directeur van C. Kort nadat B ontslag heeft genomen, worden de activiteiten van C gestaakt. Daarna escaleert het tussen A BV en B, waarop zij over en weer uitstoting van elkaar als aandeelhouder op grond van art. 2:336 t/m 2:341 BW vorderen. Volgens de rechtbank zijn beschuldigingen over wanbestuur, wanbetalingen, slecht ondernemerschap, slecht boekhouderschap etc., niet relevant. Ook…

Verder lezen
Terug naar overzicht