USZ 2003/241, CRvB 08-07-2003, , 01/2482 WAO

Inhoudsindicatie

Resterende verdiencapaciteit, Maximering verdienvermogen, Feitelijke inkomsten

Samenvatting

De Raad onderschrijft het door appellant gestelde dat maximering van de inkomsten per uur op het maatmaninkomen per uur ingevolge art. 5 lid 2 van het toepasselijke Schattingsbesluit achterwege blijft, indien bij de schatting wordt uitgegaan van feitelijke inkomsten uit arbeid.

Uitspraak

I. Ontstaan en loop van het geding

Met ingang van 1 januari 2002 is de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in werking getreden. Ingevolge de Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen treedt in…

Verder lezen
Terug naar overzicht