USZ 2017/334, CRvB 25-07-2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2731, 16/2512 WWB

Inhoudsindicatie

Medeterugvordering, Verzwegen gezamenlijke huishouding, Hoofdverblijf, Onweerlegbaar rechtsvermoeden, Uit relatie geboren kind

Samenvatting

Essentie en samenvatting: De door appellant gestelde omstandigheid dat niet volstrekt zeker is dat hij de biologische vader is van de dochter van H leidt, gelet op de afgelegde verklaringen, niet tot de conclusie dat het college niet bij de toepassing van art. 3 lid 4 onder b WWB van zijn vaderschap heeft kunnen uitgaan. Er zijn onvoldoende aanknopingspunten voor de conclusie dat de dochter van H uit een andere

Terug naar overzicht