Van der Steur tegen standaard beneficiaire aanvaarding


Een systeemwijziging waarbij beneficiaire aanvaarding van nalatenschappen de standaard wordt, is een te zwaar middel om het probleem van negatieve nalatenschappen op te lossen. Dit zegt minister Van der Steur (Veiligheid en Justitie) in de nota naar aanleiding van het verslag over het wetsvoorstel Bescherming erfgenamen tegen schulden (34.224).

Door het wetsvoorstel worden erfgenamen die een nalatenschap hebben aanvaard, beschermd tegen onverwachte schulden. Door de aanscherping van de zogenoemde ‘aanvaardingsfictie’ wordt bijvoorbeeld het meenemen van een familiefotoalbum of het opruimen van de woning niet meer als een daad van aanvaarding gezien. Iets wat nu nog wel zo is.

Bij de behandeling van het wetsvoorstel wilden de PvdA- en CDA-fractie weten of het huidige systeem van zuivere aanvaarding nog wel wenselijk is. Van der Steur ziet geen reden om het huidige stelsel te veranderen, aangezien het aantal positieve nalatenschappen nog altijd ruimschoots in de meerderheid is. Bovendien leidt standaard beneficiaire aanvaarding tot extra administratieve lasten voor de burgers en een aanzienlijke belasting van het gerechtelijk apparaat in gevallen waarin dat niet nodig is. De cijfers over beneficiaire aanvaarding en verwerping tonen volgens de minister aan dat het huidige stelsel voldoet: ‘(…) cijfers laten zien dat de mogelijkheden in de wet tot het verwerpen of beneficiair aanvaarden van nalatenschappen in de praktijk werken en voorzien in een behoefte. In tijden dat sprake is van meer negatieve nalatenschappen wordt de nalatenschap door erfgenamen vaker geweigerd of beneficiair aanvaard.’
Het wetsvoorstel houdt ook rekening met maatschappelijke veranderingen, zoals lossere familiebanden en het bewustzijn van elkaars financiële positie, zegt Van der Steur op vragen van het CDA hierover. Het zorgt er namelijk voor dat erfgenamen minder snel een nalatenschap zuiver aanvaarden. 

De PVV wilde weten of schulden die de langstlevende aan de kinderen heeft als gevolg van het eerste overlijden van een ouder, een onverwachte schuld kunnen zijn. De minister antwoordt dat dit niet zo is, maar dat hierop wel uitzonderingen kunnen zijn. Bijvoorbeeld wanneer een kind jong was toen de eerste ouder overleed en sindsdien het contact met de langstlevende ouder heeft verloren.
Volgens Van der Steur blijft goede voorlichting over de risico’s van het krijgen van een nalatenschap, zoals het erven van een huis dat onder water staat, van groot belang. Hij constateert dat de bestaande voorlichting hierover door Rijksoverheid en Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie is verbeterd.

Bron: KNB

Verder lezen
Terug naar overzicht