Verzoek fiscale eenheid met buitenlandse deelnemingen te laat


Samenvatting

Belanghebbende, een bv, heeft in bezwaar en beroep verzocht om bij de vaststelling van het belastbaar bedrag rekening te houden met verliezen van haar buitenlandse deelnemingen, alsof zij met belanghebbende een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting vormen. Dit beroep wordt door Rechtbank Breda ongegrond verklaard. Belanghebbende heeft ook ter zitting niet aan kunnen geven hoe hoog de verliezen van deze deelnemingen waren en heeft derhalve geen feiten kunnen stellen waarop haar standpunt rust dat de aanslag naar een te hoog bedrag is vastgesteld. Daarnaast is het verzoek om toepassing van een fiscale eenheid niet tijdig, dat wil zeggen binnen drie maanden na de gewenste aanvangsdatum van de fiscale eenheid, gedaan. Ook het gemeenschapsrecht schept geen verplichting om van een langere termijn van drie maanden voor het doen van een dergelijk verzoek uit te gaan.

(Beroep ongegrond.)

Verder lezen
Terug naar overzicht