Waardering grond bij BTW-vrijgestelde entiteiten


Wet WOZ

In beginsel geldt dat voor de Wet WOZ de waarde van incourant vastgoed inclusief BTW wordt gewaardeerd indien de eigenaar btw vrijgesteld is. Onlangs heeft de Hoge Raad arrest gewezen inzake de waardevaststelling van de vervangingswaarde van grond voor de WOZ voor btw-vrijgestelde ondernemers. Belanghebbende betreft een Universiteitscomplex A te Z dat, naast opstallen, bestaat uit gronden met als bestemming ‘bijzondere doeleinden’ (bouwgronden), uit weilanden, wegen en fietspaden en uit gronden uitgegeven in erfpacht. Daarnaast behoren tot het complex ‘overige gronden’, zijnde een natuurmonument, cultuurgronden, groenstroken, bermen en rest- en snippergroen (de overige gronden). Het geheel is getaxeerd op grond van de gecorrigeerde vervangingswaarde.

In hoger beroep was in geschil of de heffingsambtenaar van de gemeente Z voor de toepassing van de Wet WOZ de vervangingswaarde van de gronden terecht inclusief 19% omzetbelasting bepaald heeft.

Het hof heeft aannemelijk geacht dat de universiteit de bouwgronden en de overige gronden uitsluitend van de gemeente zou hebben kunnen verkrijgen en dat die gronden daarbij uitsluitend inclusief omzetbelasting aan de universiteit geleverd zouden zijn. Hieruit vloeit voort dat de bouwgronden en de overige gronden inclusief omzetbelasting dienen te worden gewaardeerd.. Tegen dit oordeel heeft de universiteit cassatieberoep ingesteld.

De Hoge Raad heeft daarop geoordeeld dat een juiste toepassing van de Wet OB 1968 meebrengt dat de levering van onroerende zaken is vrijgesteld van omzetbelasting, met uitzondering van de levering van bouwterreinen. Voor zover de levering van gronden op grond van de genoemde regeling in de Wet OB 1968 zou zijn vrijgesteld van omzetbelasting, dient de vervangingswaarde voor de WOZ daarvan exclusief omzetbelasting te worden berekend. De universiteit…

Verder lezen
Terug naar overzicht