ECLI:NL:RBMNE:2017:3239 Rechtbank Midden-Nederland , 29-06-2017 / 16/659624-15 (P)

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Zittingsplaats Lelystad

Parketnummer: 16/659624-15 (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 29 juni 2017

in de strafzaak tegen


[verdachte]

geboren op [1976] te [geboorteplaats] (Polen)

wonende te [woonplaats] Polen, [adres] .

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 8 december 2015, 9 februari 2016, 3, mei 2016, 10 mei 2016, 26 juli 2016, 4 oktober 2016, 24 januari 2017 en 12 juni 2017. Op 15 juni 2017 is het onderzoek ter terechtzitting gesloten.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. N.M. van Collenburg en van hetgeen mr. M.A. Krikke, advocaat te Bussum, namens verdachte naar voren heeft gebracht.

2 TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is op de zitting van 10 mei 2016 nader omschreven en vervolgens op de zitting van 4 oktober 2016 gewijzigd. De tenlastelegging, de nadere omschrijving van de tenlastelegging en de wijziging van de tenlastelegging zijn als bijlagen aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt, kort en feitelijk weergegeven, op het volgende neer:

1.primair medeplegen poging moord op [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] door met een pistoolmitrailleur te schieten in de richting van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] op of omstreeks 5 september 2015 in Hilversum;

of

medeplichtigheid aan poging moord door [medeverdachte] op [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] door met een pistoolmitrailleur te schieten in de richting van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] op of omstreeks 5 september 2015 in Hilversum, door die [medeverdachte] en/of mededader(s) met de auto naar café [cafe] te vervoeren en/of langs dat café te rijden en/of voor het café [cafe] te stoppen;

subsidiair medeplegen poging zware mishandeling met voorbedachten rade op [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] door met een pistoolmitrailleur te schieten in de richting van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] op of omstreeks 5 september 2015 in Hilversum;

of

medeplichtigheid aan poging zware mishandeling met voorbedachten rade door [medeverdachte] op [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] door met een pistoolmitrailleur te schieten in de richting van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] op of omstreeks 5 september 2015 in Hilversum, door die [medeverdachte] en/of mededader(s) met de auto naar café [cafe] te vervoeren en/of langs dat café te rijden en/of voor het café [cafe] te stoppen;

meer subsidiair: medeplegen bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] door met een pistoolmitrailleur te schieten in de richting van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] op of omstreeks 5 september 2015 in Hilversum;

of

medeplichtigheid aan bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht door [medeverdachte] van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] door met een pistoolmitrailleur te schieten in de richting van [slachtoffer] en/of anderen in/of nabij café [cafe] op of omstreeks 5 september 2015 in Hilversum, door die [medeverdachte] en/of mededader(s) met de auto naar café [cafe] te vervoeren en/of langs dat café te rijden en/of voor het café [cafe] te stoppen;

2. medeplegen voorhanden hebben van een pistoolmitrailleur en munitie op of omstreeks 5 september 2015 in Hilversum;

3 VOORVRAGEN

Geldigheid van de dagvaarding

Het standpunt van de verdediging

Ten aanzien van het onder 1 primair en subsidiair alternatief ten laste gelegde heeft de raadsman betoogd dat er sprake is van een obscuur libel omdat het gedeelte van de tenlastelegging waarin is opgenomen dat het gaat om een door verdachte of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade [slachtoffer] e.a. van het leven te beroven, onvoldoende duidelijk is.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft verzocht dit verweer te verwerpen nu voldoende duidelijk is wat aan verdachte ten laste gelegd is.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat gelet op de inhoud van het dossier en hetgeen besproken is ter terechtzitting sprake is van een kennelijke verschrijving in de tenlastelegging (waar nu ‘verdachte’ staat had ‘ [medeverdachte] ’ moeten staan) en het voldoende duidelijk is waar de verdenking tegen verdachte uit bestaat. De rechtbank zal de dagvaarding dan ook geldig verklaren nu niet is gebleken dat verdachte in zijn verdediging is geschaad.

Ontvankelijkheid van de officier van justitie

Het standpunt van de verdediging

P.I. gesprekken

De raadsman heeft primair betoogd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard dient te worden omdat het ten onrechte zonder machtiging van de rechter-commissaris de door verdachte in de P.I. gevoerde telefoongesprekken heeft opgevraagd en daarmee doelbewust of met grove veronachtzaming de rechten van verdachte heeft geschonden. Daartoe heeft de raadsman aangevoerd dat artikel 126nd van het Wetboek van Strafvordering (Sv) niet kan en mag worden toegepast op deze telefoongesprekken en dat bovendien, nu TELIO een aanbieder is in de zin van artikel 126la Sv, artikel 126n lid 1 onder a Sv toegepast had moeten worden.

Subsidiair heeft de raadsman bepleit dat sprake is van omstandigheden die maken dat de officier van justitie geen gebruik had mogen maken van de bevoegdheid in artikel 126nd Sv omdat er bevelen zijn afgegeven voor de periode van 8 september 2015 8.00 uur tot 28 september 2015 11.00 uur, terwijl er blijkens het proces-verbaal op pagina 622 ook gesprekken zijn opgevraagd en uitgeluisterd kunnen zijn na deze periode, namelijk gesprekken die in oktober 2015 hebben plaatsgevonden.

Meer subsidiair heeft de raadsman aangevoerd dat indien de rechtbank van oordeel is dat de telefoongesprekken niet op grond van artikel 126n Sv gevorderd had moeten worden, de wet- en regelgeving onvoldoende duidelijk en gedetailleerd is zodat er daarom sprake is van een schending van een grondrecht (artikel 8 EVRM).

Geheimhoudersgesprekken

De raadsman heeft primair betoogd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard dient te worden nu uit het dossier niet valt af te leiden dat de gesprekken gevoerd tussen verdachte en de raadsman op 8 en 9 september 2015 zijn vernietigd, zodat het er voor gehouden moet worden dat dit niet is gebeurd en dat deze zijn gebruikt bij de opsporing.

Indien de rechtbank het openbaar ministerie ontvankelijk verklaart, heeft de raadsman subsidiair verzocht alle opgenomen gesprekken tussen 8 september 2015 en 28 september 2015 die verdachte vanuit de P.I gevoerd heeft uit te luisteren om vast te stellen of er geheimhoudersgesprekken zijn opgenomen, hetgeen dan onjuist zou zijn vermeld in een proces-verbaal, wat volgens de raadsman alsnog tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie dient te leiden.

Het standpunt van de officier van justitie

P.I. gesprekken

De officier van justitie heeft primair betoogd dat de gegevens zijn opgevraagd op grond van artikel 126nd Sv, omdat er geen sprake is van gegevens in de zin van artikel 126n Sv. Daarnaast heeft zij aangevoerd dat TELIO geen communicatiedienst in de zin van artikel 126la Sv is en dat de gegevens derhalve rechtmatig verstrekt zijn.

Subsidiair heeft zij opgemerkt dat het openbaar ministerie geen enkel belang had om de rechter-commissaris te omzeilen, er zou indien nodig een machtiging zijn afgegeven. Er is geen sprake geweest van doelbewuste veronachtzaming van de rechten van de verdediging.

Geheimhoudersgesprekken

De officier van justitie heeft primair betoogd dat de belangen van de verdediging niet geschonden zijn in de zin van artikel 359a Sv, omdat geheimhoudersgesprekken al uit de opgenomen P.I. gesprekken worden verwijderd voordat deze verstrekt worden aan de politie, zodat áls die gesprekken hebben plaatsgevonden, de politie daarvan geen kennis heeft kunnen nemen.

Subsidiair heeft zij aangevoerd dat als er sprake is van een geschonden belang dit zou moeten leiden tot strafvermindering.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt voorop dat niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de vervolging als in artikel 359a Sv voorzien rechtsgevolg slechts in uitzonderlijke gevallen in aanmerking komt. Daarvoor is alleen plaats in geval het vormverzuim daarin bestaat dat met de opsporing of vervolging belaste ambtenaren ernstig inbreuk hebben gemaakt op beginselen van een behoorlijke procesorde, waardoor doelbewust of met grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte aan diens recht op een eerlijke behandeling van zijn zaak is tekortgedaan.1

P.I. gesprekken

De rechtbank overweegt dat de penitentiaire inrichting gelet op artikel 39, lid 2 van de Penitentiaire Beginselenwet en artikel 23a Penitentiaire Maatregel de organisatie is die de telefoongesprekken van gedetineerden opneemt. De vorderingen van de officier van justitie waren ook aan de penitentiaire inrichting gericht en niet aan TELIO. Of TELIO een aanbieder van een communicatiedienst in de zin van artikel 126ng Sv juncto artikel 126la Sv is, is daarom niet relevant. De door de penitentiaire inrichting opgenomen telefoongesprekken zijn naar het oordeel van de rechtbank opgeslagen en vastgelegde gegevens in de zin van artikel 126nd, eerste lid Sv. De officier van justitie kon de verstrekking van de gespreksinhoud van de telefoongesprekken vorderen nu het geen persoonsgegevens zijn betreffende iemands godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, gezondheid, seksuele leven of lidmaatschap van een vakvereniging.

De rechtbank verwerpt dan ook het primair door de raadsman gevoerde verweer.

Ten aanzien van het subsidiair gevoerde verweer dat er mogelijk ook gesprekken na de periode van 8 september 2015 8.00 uur – 28 september 2015 11.00 uur zijn opgenomen en uitgeluisterd, constateert de rechtbank dat er geen vorderingen in het dossier zitten die betrekking hebben op de periode na 28 september 2015 en dat niet is gebleken dat er gesprekken zijn van na die datum die zijn opgenomen en uitgeluisterd. De gesprekken die zijn opgenomen en uitgeluisterd lopen immers tot 27 september 2015. De rechtbank gaat er dan ook van uit dat de vermelding in proces-verbaal op pagina 662 van het dossier van het woord ‘oktober’ berust op een kennelijke vergissing. De rechtbank merkt hierbij bovendien op dat het zelfstandig opvragen van gesprekken bij TELIO, zoals de raadsman gesuggereerd heeft, niet aan de orde kan zijn, omdat het – zoals hiervoor ook is besproken – om opgenomen gesprekken gaat die de directeur van de penitentiaire inrichting niet mag afgeven zonder vordering.

De rechtbank deelt de mening van de raadsman niet, dat er sprake is van onvoldoende duidelijk en gedetailleerde wet- en regelgeving en is van oordeel dat er geen sprake is van bewust omzeilen van de rechten van verdachte zoals genoemd in artikel 8 EVRM. De rechtbank verwerpt dan ook het subsidiair door de raadsman gevoerde verweer.

Geheimhoudersgesprekken

De raadsman heeft betoogd dat er gelet op zijn urenstaat op 8 en 9 september 2015 geheimhoudersgesprekken zijn gevoerd tussen hem en verdachte, wat ten onrechte niet zou staan vermeld in het dossier. Ten aanzien van deze – niet met stukken onderbouwde – stelling overweegt de rechtbank dat zij constateert dat de tapgesprekken die zich in het dossier bevinden als aanvangsdatum 9 september 2015 hebben. Voor zover er geheimhoudersgesprekken hebben plaatsgevonden op 8 september blijkt niet dat de inhoud daarvan bij het openbaar ministerie en/of de politie terecht is/zijn gekomen en dat dit op welke manier dan ook is gebruikt in het opsporingsonderzoek tegen verdachte. Gelet op het proces-verbaal van bevindingen op pagina 662 van het dossier zijn er geen geheimhoudersgesprekken geregistreerd. Voor zover al sprake is van een vormverzuim, is de rechtbank van oordeel dat dit niet leidt tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie. De rechtbank heeft geen enkele aanleiding om aan de juistheid van het ambtsedig opgemaakte proces-verbaal op pagina 662 te twijfelen en ziet dan ook geen noodzaak tot het laten uitluisteren van alle opgenomen gesprekken.

De rechtbank stelt vast dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging. De rechtbank constateert tevens dat zij bevoegd is tot kennisneming van het ten laste gelegde en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 VRIJSPRAAK

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte vrij te spreken van het onder 1 primair ten laste gelegde medeplegen poging moord. Zij heeft gevorderd de onder 1 primair alternatief ten laste gelegde medeplichtigheid aan de poging moord en het onder 2 ten laste gelegde bewezen te verklaren.

Voor de bewezenverklaring van de medeplichtigheid aan poging moord heeft zij onder meer verwezen naar de omstandigheid dat verdachte medeverdachte [medeverdachte] in staat heeft gesteld de poging moord te plegen door hem naar de plaats delict te rijden, daar te stoppen en langzaam langs het café te rijden om hem vervolgens daar vandaan te vervoeren. De opzet op het begunstigen van het door [medeverdachte] te plegen feit kan volgens de officier van justitie afgeleid worden uit de wetenschap van verdachte dat [medeverdachte] kwaad was, dat [medeverdachte] met een mes had geprobeerd het café binnen te komen en dat [medeverdachte] een automatisch vuurwapen in zijn handen had.

Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde voorhanden hebben van een pistoolmitrailleur heeft de officier van justitie betoogd dat het niet anders kan dan dat het vuurwapen in de auto heeft gelegen die verdachte bestuurde of dat het vuurwapen is opgehaald toen verdachte de auto bestuurde. Verdachte had zo beschikkingsmacht over het wapen.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft vrijspraak betoogd van het onder 1 en 2 ten laste gelegde.

Met betrekking tot het onder 1 ten laste gelegde heeft hij aangevoerd dat niet bewezen kan worden dat verdachte als pleger van de poging moord dan wel de poging zware mishandeling of bedreiging aangemerkt kan worden. Ten aanzien van het medeplegen met voorbedachten rade heeft de raadsman opgemerkt dat er geen sprake is geweest van een gezamenlijke uitvoering, een vooropgezet plan dan wel van een bewuste en nauwe samenwerking. Verdachte heeft geen besluit genomen om naar het café te rijden en te gaan schieten, noch was hij in de gelegenheid om na te denken over de betekenis en de gevolgen van het naar het café rijden.

Met betrekking tot de medeplichtigheid heeft de raadsman primair aangevoerd dat het enkele optreden van verdachte als chauffeur onvoldoende is voor medeplichtigheid. Ook blijkt niet dat verdachte op de hoogte was van de plannen van de schutter. (Voorwaardelijk) opzet op het schieten en op het behulpzaam zijn bij het schieten kan niet bewezen worden.

Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde heeft de raadsman betoogd dat niet gebleken is dat verdachte bewustheid van en beschikkingsmacht over het vuurwapen heeft gehad.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Ten aanzien van het onder 1 primair ten laste gelegde medeplegen poging moord

De rechtbank zal verdachte, zoals is gevorderd door de officier van justitie en bepleit door de raadsman, vrijspreken van het ten laste gelegde nu op basis van het dossier niet kan worden vastgesteld dat sprake is geweest van een van nauwe en bewuste samenwerking met de schutter. Dat vergt immers dat de bewezenverklaarde - intellectuele en/of materiële - bijdrage aan het delict van de verdachte van voldoende gewicht is. Verdachte heeft weliswaar erkend dat hij de zilverkleurige Mercedes E klasse 220 die betrokken was bij de poging moord op 5 september 2015 heeft bestuurd, maar dit is zonder meer niet voldoende om te kunnen oordelen dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking die gericht was op het (mede)plegen van het (met voorbedachte rade) schieten op het café. Verdachte zal worden vrijgesproken van het medeplegen van poging moord.

Ten aanzien van de onder 1 primair alternatief ten laste gelegde medeplichtigheid aan de poging moord

Voor het oordeel dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplichtigheid van poging moord moet niet alleen komen vast te staan dat verdachte opzet heeft gehad op het helpen van medeverdachte [medeverdachte] , maar ook dat hij opzet heeft gehad op de poging moord door [medeverdachte] . Voor allebei de vormen van opzet geldt dat het bestaan daarvan bij verdachte op grond van de hiervoor genoemde feiten en omstandigheden niet kan worden vastgesteld.

Ten aanzien van het onder 1 subsidiair en meer subsidiair ten laste gelegde

De rechtbank is van oordeel dat het handelen van verdachte geen medeplegen of medeplichtigheid aan het handelen van de schutter oplevert. Dat betekent dat de verdachte ook moet worden vrijgesproken van deelneming aan de subsidiair ten laste gelegde poging zware mishandeling en meer subsidiair ten laste gelegde bedreiging.

De rechtbank heeft dan ook op grond van wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging gekregen dat verdachte het onder 1 ten laste gelegde feit heeft begaan en zal verdachte hiervan vrijspreken.

Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde

De enkele omstandigheid dat verdachte bestuurder is geweest van het voertuig waarin het automatische vuurwapen en de schutter zijn vervoerd, maakt nog niet dat hij ook beschikkingsmacht over dit vuurwapen en de in de auto aangetroffen munitie heeft gehad. Uit het dossier blijken geen andere feiten en omstandigheden waaruit beschikkingsmacht over het vuurwapen en de munitie blijken.

De rechtbank heeft dan ook op grond van wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging gekregen dat verdachte het onder 2 ten laste gelegde feit heeft begaan en zal verdachte hiervan vrijspreken.

5 DE BENADEELDE PARTIJ

5.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij in zijn vordering omdat de gevorderde kosten niet aannemelijk zijn geworden.

5.2.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft, gelet op de bepleite vrijspraak, betoogd dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard moet worden in zijn vordering.

5.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering nu verdachte van het onder 1 ten laste gelegde zal worden vrijgesproken. De benadeelde partij kan de vordering bij de burgerlijk rechter aanbrengen.

6 BESLISSING

De rechtbank:

Geldigheid dagvaarding

- verklaart de dagvaarding ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde geldig;

Ontvankelijkheid officier van justitie

- verklaart de officier van justitie ontvankelijk in de vervolging van verdachte ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde;

Vrijspraak

- verklaart het onder 1 en 2 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Voorlopige hechtenis

- heft op het (geschorste) bevel tot voorlopige hechtenis;

Benadeelde partij

- verklaart [slachtoffer] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.F. Haeck, voorzitter, mrs. R.C.J. Hamming en

V.M.A. Sinnige, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.E. Doornwaard, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 29 juni 2017.

Bijlage: de dagvaarding

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

1.

Primair

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement

Midden-Nederland, tezamen en in verenging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade [slachtoffer] en/of een of meer andere in het cafe aanwezige perso(o)n(en) van het leven te beroven, met dat opzet en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg,

- met een auto naar/langs cafe [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere (door de ruit waarneembare) in het cafe aanwezige personen heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

subsidiair

een onbekend gebleven persoon op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans, in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade [slachtoffer] en/of een of meer andere in cafe [cafe] aanwezige pers(o)n(en) van het leven te beroven, met dat opzet en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg,

- met een auto naar/langs cafe [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere (door de ruit waarneembare) in het cafe aanwezige personen heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

bij/tot welk strafbaar feit verdachte op 5 september 2015 te Hilversum opzettelijk medeplichtig is geweest door die onbekend gebleven persoon met de auto naar cafe [cafe] te vervoeren en/of langs dat cafe te rijden tijdens het schieten en/of vervolgens bij cafe [cafe] vandaan te vervoeren;

meer subsidiair

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om al dan niet met voorbedachten rade aan [slachtoffer] en/of een of meer in cafe [cafe] aanwezige perso(o)n(en) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet,

- met een auto naar/langs cafe [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere (door de ruit waarneembare) in het cafe aanwezige personen heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

meer, meer subsidiair

een onbekend gebleven persoon op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om al dan niet met voorbedachten rade aan [slachtoffer] en/of een of meer andere in cafe [cafe] aanwezige perso(o)n(en) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet,

- met een auto naar/langs cafe [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere (door de ruit waarneembare) in het cafe aanwezige personen heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

bij/tot welk strafbaar feit verdachte op 5 september 2015 te Hilversum opzettelijk medeplichtig is geweest door die onbekend gebleven persoon met de auto naar cafe [cafe] te vervoeren en/of langs dat cafe te rijden tijdens het schieten en/of vervolgens bij cafe [cafe] vandaan te vervoeren;

Meest subsidiair

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, [slachtoffer] en/of een of meer andere in cafe [cafe] aanwezige perso(o)n(en) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) opzettelijk dreigend:

- met een auto naar/langs cafe [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere (door de ruit waarneembare) in het cafe aanwezige personen geschoten;

of

een onbekend gebleven persoon op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om al dan niet met voorbedachten rade aan [slachtoffer] en/of een of meer andere in cafe [cafe] aanwezige perso(o)n(en) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) opzettelijk dreigend:

- met een auto naar/langs cafe [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere (door de ruit waarneembare) in het cafe aanwezige personen geschoten

bij/tot welk strafbaar feit verdachte op 5 september 2015 te Hilversum opzettelijk medeplichtig is geweest door die onbekend gebleven persoon met de auto naar cafe [cafe] te vervoeren en/of langs dat cafe te rijden tijdens het schieten en/of vervolgens bij cafe [cafe] vandaan te vervoeren;

2.

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum tezamen en in vereniging met een ander of anderen, een of meer wapens van categorie II, te weten een automatisch machinegeweer van het merk Scorpion en/of munitie van categorie III, te weten van het kaliber Browning 7,65 voorhanden heeft gehad;

Bijlage: de nadere omschrijving van de tenlastelegging toegestaan op 10 mei 2016

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

1.

Primair

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) van het leven te beroven, met dat opzet en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg,

- met een auto naar/langs café [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (vervolgens) (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

of


[medeverdachte] en/of een of meer mededader(s) op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) van het leven te beroven, met dat opzet en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg,

- met een auto naar/langs café [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (vervolgens) (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

bij/tot welk strafbaar feit verdachte op 5 september 2015 te Hilversum opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door opzettelijk die [medeverdachte] en/of een of meer mededader(s) met de auto naar café [cafe] te vervoeren en/of langs dat café te rijden en/of voor het café [cafe] te stoppen;

subsidiair

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om al dan niet met voorbedachten rade aan [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet, en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg,

- met een auto naar/langs café [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

of


[medeverdachte] en/of een of meer mededader(s) op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet, en al dan niet na kalm beraad en rustig overleg,

- met een auto naar/langs café [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) heeft geschoten, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

bij/tot welk strafbaar feit verdachte op 5 september 2015 te Hilversum opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door opzettelijk die [medeverdachte] en/of een of meer mededader(s) met de auto naar café [cafe] te vervoeren en/of langs dat café te rijden en/of voor het café [cafe] te stoppen;

meer subsidiair

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om al dan niet met voorbedachten rade aan [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers is en/of zijn en/of heeft verdachte en/of zijn mededader(s) opzettelijk dreigend:

- met een auto naar/langs café [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) geschoten;

of


[medeverdachte] en/of een of meer mededader(s) op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers is en/of zijn en/of heeft verdachte en/of zijn mededader(s) opzettelijk dreigend:

- met een auto naar/langs café [cafe] is/zijn gereden en/of

- (vervolgens) (deels) uit de auto is gestapt en/of

- (meermalen) met een automatisch machinegeweer op/in de richting van die [slachtoffer] en/of een of meer andere zich in en/of voor en/of in de directe nabijheid van café [cafe] bevindende perso(o)n(en) geschoten;

bij/tot welk strafbaar feit verdachte op 5 september 2015 te Hilversum opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door opzettelijk die [medeverdachte] en/of een of meer mededader(s) met de auto naar café [cafe] te vervoeren en/of langs dat café te rijden en/of voor het café [cafe] te stoppen;

2.

hij op of omstreeks 05 september 2015 te Hilversum, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, een of meer wapens van categorie II onder 2, te weten een pistoolmitrailleur, van het merk CZ, model 61, type Scorpion, kaliber 7,65mm en/of (bijbehorende) munitie, te weten 56 scherpe patronen, van categorie III voorhanden heeft gehad

Bijlage: de wijziging van de tenlastelegging toegestaan op 4 oktober 2016

De officier van justitie, van oordeel dat de tenlastelegging als volgt behoort te worden gewijzigd/aangevuld:

in feit 1 Primair en primair alternatief, subsidiair en subsidiair alternatief en meer subsidiair en meer subsidiair alternatief dient, “automatisch machinegeweer” te worden vervangen door “met een scherpe munitie geladen pistoolmitrailleur”

en

in feit 1 Primair, subsidiair dient tussen “perso(o)n(en)”en “heeft” in de een na laatste regel te worden ingevoerd: “meerdere, althans twee, althans een kogel(s)”

en

in feit 1 Primair alternatief, subsidiair alternatief en meer subsidiair alternatief, dient tussen “perso(o)n(en)” en “heeft” in de een na laatste regel van de één na laatste alinea te worden ingevoegd: “meerdere, althans twee, althans één kogel(s)”

Voetnoten

1
HR 30 maart 2004, ECLI:NL:HR:2004:AM2533, NJ 2004/376.