Sign. - 305. Uitoefening van aan verpande aandelen verbonden stemrechten: binnen of buiten vergadering? (WPNR 2017/7160, mr. G.Á.C. Orbán)


Bij de vestiging van pandrechten op aandelen in besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid wordt doorgaans bepaald dat de aan de verpande aandelen verbonden stemrechten, al dan niet onder opschortende voorwaarde, aan de pandhouder toekomen. Zulks is op grond van art. 2:198 BW mogelijk en biedt de pandhouder extra bescherming dat een pandrecht op aandelen an sich niet biedt. In deze bijdrage staat de auteur enkel stil bij de vraag naar hoe een pandhouder met stemrecht daadwerkelijk gebruik kan maken van zijn of haar stemrechten. Deze vraag naar de wijze waarop een pandhouder met stemrecht besluiten kan nemen, is niet van ondergeschikt belang. Zonder een formele mogelijkheid om stemrechten te kunnen uitoefenen en besluiten te kunnen nemen, heeft een pandhouder met stemrecht immers in wezen niets aan zijn stemrecht. In deze bijdrage beschrijft de auteur dan ook een aantal manieren waarop een pandhouder met stemrecht zijn stemrechten daadwerkelijk kan uitoefenen.

Verder lezen
Terug naar overzicht