Slechts eenmaal dwangsom verschuldigd bij inhoudelijke samenhang tussen bezwaar aanmaningskosten en kosten dwangbevel


Samenvatting

Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen aanmaningskosten en tegen de in rekening gebrachte kosten van een dwangbevel. In een tweetal brieven schrijft belanghebbende aan de ontvanger dat er nog geen uitspraak op bezwaar is gedaan inzake de vervolgingskosten. Een half jaar later doet de ontvanger uitspraak op het bezwaar tegen de aanmaningskosten en de kosten van het dwangbevel. In de uitspraak is geen dwangsom toegekend vanwege het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar. Belanghebbende deelt schriftelijk aan de ontvanger mee dat ten onrechte geen dwangsom is toegekend en stelt hem in de gelegenheid dit alsnog binnen vier weken te doen. De rechtbank oordeelt dat in dit geval sprake is van een ingebrekestelling. Daarvoor is niet vereist dat expliciet wordt vermeld dat het om een ingebrekestelling gaat en zelfs de termijn van twee weken hoeft niet te worden vermeld, omdat dit uit de wet voortvloeit. Onder verwijzing naar een uitspraak van Hof Arnhem-Leeuwarden van 4 oktober 2016, nr. 16/00119, NTFR 2016/2680 oordeelt de rechtbank dat de ontvanger op grond van art. 4:17, lid 1 t/m 3, Awb een dwangsom is verbeurd. Dit artikel geldt eveneens als het gaat om een bezwaar tegen de kosten uit hoofde van de Kostenwet invordering rijksbelastingen. Verder is maar eenmaal een dwangsom verschuldigd aangezien naar het oordeel van de rechtbank sprake is van inhoudelijke samenhang (aanmaningskosten en de kosten van het dwangbevel). Dat de ontvanger heeft nagelaten in de uitspraak op bezwaar een beslissing te nemen over de kostenvergoeding en de dwangsom, leidt niet ertoe dat sprake is van een bijzondere omstandigheid die vergoeding van de werkelijke proceskosten rechtvaardigt.

(…

Verder lezen
Terug naar overzicht