Tweede Kamervragen over aflossingsvrije hypotheken beantwoord


Samenvatting

De staatssecretaris van Financiën beantwoordt Tweede Kamervragen over aflossingsvrije hypotheken. Aan de orde komen mogelijke financiële problemen als de rente over de lening na 30 jaar niet meer als eigenwoningrente aftrekbaar is, de voorlichting over hypotheekproducten, de hoogte van de schulden en de aflossingsvrije hypotheek ten opzichte van de achtergrond van de eigenwoningregeling.

Nieuwe regelgeving

Vraag 1

Kent u het artikel over de toename van aflossingsvrije hypotheken?1

Antwoord

Ja.

Vraag 2

Bent u het met de stelling eens dat het afsluiten van een aflossingsvrije hypotheek het risico met zich meebrengt dat er financiële problemen kunnen ontstaan, doordat geen recht meer bestaat op hypotheekrenteaftrek omdat er een limiet is van 30 jaar?

Vraag 3

Wordt over de limiet van 30 jaar bij het afsluiten van een aflossingsvrije hypotheek voldoende voorlichting gegeven?

Antwoord vraag 2 en 3

Vanaf de invoering van de Wet IB 2001 geldt de 30-jaarstermijn. Voor op 31 december 2000 bestaande schulden is de 30-jaarstermijn gaan lopen op 1 januari 2001. In alle gevallen geldt dus dat voor het eerst per 1 januari 2031 (een deel van) de hypotheekrente niet langer aftrekbaar kan zijn. Deze 30-jaarstermijn is sinds de invoering van de Wet IB 2001 voldoende kenbaar gemaakt via voorlichtingsmateriaal en de toelichting op de aangifte.

De 30-jaarstermijn is mede bedoeld om het afsluiten van aflossingsvrije hypotheken te ontmoedigen. Men ziet nu doorgaans in de praktijk ook dat de termijn waarvoor een hypotheek wordt aangegaan overeenkomt met de 30-jaarstermijn. Dat betekent niet dat er zich geen financiële problemen kunnen voordoen na afloop van de 30-jaarstermijn. Financiële problemen kunnen zich namelijk voordoen wanneer…

Verder lezen
Terug naar overzicht