Art. - Het wettelijke regime voor concernfinancieringsmaatschappijen
Voor internationale concerns kan het aantrekkelijk zijn om de groepsactiviteiten te financieren via een speciaal daartoe opgerichte Nederlandse financieringsmaatschappij. Deze financieringsmaatschappij functioneert in feite als een interne bank voor het concern. De financieringsmaatschappij trekt gelden aan, bijvoorbeeld door het aangaan van een bankfinanciering of de uitgifte van obligaties. De geleende bedragen leent de financieringsmaatschappij door aan groepsmaatschappijen met een bepaalde kredietbehoefte. Het centraal organiseren van de ‘ treasuryfunctie ’ is efficiënt en leidt tot een beter overzicht op de uitstaande financieringen voor het concern. Ook zal een financieringsmaatschappij een betere onderhandelingspositie hebben dan groepsmaatschappijen die ieder zelfstandig kleinere bedragen aantrekken. Het voorkomt bovendien dat verschillende groepsmaatschappijen elkaar op de kapitaalmarkt beconcurreren.
Inleiding
Deze concernfinancieringsmaatschappijen zijn niet vergunningplichtig als zij aan een aantal verplichtingen voldoen. De laatste jaren is de regelgeving voor financieringsmaatschappijen veranderd, onder andere als gevolg van de Wijzigingswet financiële markten 2015 (‘Wijzigingswet’1). Dit artikel bespreekt de voorwaarden waaronder een concernfinancieringsmaatschappij van de uitzondering op de vergunningplicht voor banken gebruik kan maken en welke andere verplichtingen gelden.
Het bankverbod en de uitzondering voor concernfinancieringsmaatschappijen (art. 3:2 Wft)
Het is verboden om zonder een door de Europese Centrale Bank verleende bankvergunning het bedrijf van bank uit te oefenen (art. 2:11 Wft). Voor de definitie van bank of kredietinstelling wordt verwezen naar de Verordening Kapitaalvereisten, ook wel CCR genoemd.2 Een bank is een onderneming waarvan de werkzaamheden bestaan uit het aantrekken van deposito’s of andere terugbetaalbare gelden bij het publiek en het verlenen van kredieten voor eigen rekening.
Op Europees niveau is vooralsnog geen nadere invulling gegeven aan de begrippen ‘publiek’ en ‘…