Art. - Richtlijnen als medische en juridische leidraad
Artsen en juristen hebben te maken met medische richtlijnen en hechten daaraan waarde. De arts gebruikt de richtlijn als leidraad bij het verlenen van medische zorg aan patiënten. Juristen gebruiken richtlijnen vooral voor het beantwoorden van de vraag of sprake is van een tekortkoming en bij het gebruik van de ‘omkeringsregel’ in medische aansprakelijkheidszaken. Desalniettemin rijst een aantal vragen. Hoe bijvoorbeeld komt een richtlijn tot stand? Wat doet een richtlijn met de professionele zelfstandigheid van de arts? Zijn er verschillen tussen richtlijnen, standaarden en protocollen? De hamvraag is uiteraard: Welke betekenis mag of moet de arts aan een richtlijn toekennen en welke de jurist? Dit artikel beoogt deze vragen te beantwoorden.
1. Inleiding
De rechtsverhouding tussen arts en patiënt werd in de vorige eeuw geduid als een contractuele: tussen arts en patiënt kwam bij het eerste contact een overeenkomst tot het verrichten van diensten tot stand. De verplichtingen uit die overeenkomst werden voornamelijk ingevuld door de medische beroepsgroep zelf; de medische beroepsgroep streefde naar een zo veel mogelijk eigen invulling van de maatschappelijke en ethische normen in de vorm van zelfregulering.1 Publiekrechtelijke wetgeving op het gebied van de gezondheidszorg gaf mede, en in finale zin, invulling aan de verplichtingen uit de overeenkomst tot het verrichten van diensten.
Sinds de inwerkingtreding van Boek 7, titel 7, afdeling 5, van het Burgerlijk Wetboek (BW) in 1995 draagt de contractuele rechtsverhouding de naam ‘overeenkomst inzake geneeskundige behandeling’. Ook deze overeenkomst houdt in dat de arts diensten moet verrichten, zij het dat met de wettelijke verankering ervan de verplichtingen uit overeenkomst gereguleerd zijn. Toch betekent dit niet dat…