De vastgestelde vorm van loon mag niet anders zijn dan:
geld;
indien die vorm van loon gewoonte is of wenselijk is wegens de aard van de onderneming van de werkgever: zaken, geschikt voor het persoonlijk gebruik van de werknemer en zijn huisgenoten, met uitzondering van alcoholhoudende drank en andere voor de gezondheid schadelijke genotmiddelen;
het gebruik van een woning, alsmede verlichting en verwarming daarvan;
diensten, voorzieningen en werkzaamheden door of voor rekening van de werkgever te verrichten, onderricht, kost en inwoning daaronder begrepen;
effecten, vorderingen, andere aanspraken en bewijsstukken daarvan en bonnen.