Naar de inhoud

De quasi-wettelijke verdeling als 'Teilungsanordnung' (I)

1. Een nieuw fenomeen: 'afwikkelingsbewind'

Sinds kort heeft de notariële praktijk2 de handen vol aan het zoeken naar de grenzen van het bekleden van de executeur nieuwe stijl met 'afwikkelingsbewind'. Dit, ons bij de invoering van het nieuwe erfrecht door de wetgever geschonken fenomeen, staat echter pas in de kinderschoenen en roept bij sommigen reeds vele vragen3 op. Aangezien bij onze Oosterburen aanverwante erfrechtelijke instituten als 'Testamentsvollstreckung' en 'Teilungsanordnung' niet meer weg te denken zijn, zal ik in deze bijdrage ook een blik over de grens werpen. Specifieke vraagstukken waarop ik wil ingaan zijn:

a. De rol van de rechter bij minderjarige deelgenoten.

b. Heeft afwikkelingsbewind een privatief karakter?

c. De verhouding tussen afwikkelingsbewind en testamentaire last.

d. Het al dan niet van toepassing zijn van het leerstuk 'ongeoorloofde delegatie'.

Ook zal op de toepassingsmogelijkheden van afwikkelingsbewind in de notariële praktijk worden ingegaan.

2. De wettelijke basis

De wettelijke basis voor het 'afwikkelingsbewind' is te vinden in artikel 4:155 lid 4 (gemeenschappelijk beheer) en art. 4:171. Vooral dit laatste artikel zet de deur wijd open voor de creatie van een bewindvoerder die bij de verdeling van de nalatenschap specifieke bevoegdheden krijgt. Erflater heeft ook de mogelijkheid een testamentair bewind in de vorm van een afwikkelingsbewind te kneden als bij hem slechts het oogmerk bestaat een goede afwikkeling van de boedel te bevorderen, aldus de minister in eerste instantie.5 Later wordt in de parlementaire geschiedenis als voorbeeld van een gemeenschappelijk belang expliciet gesproken van verdeling van een nalatenschap.6Klaassen-Luijten-…