De Stichting tot Bevordering der Notariële Wetenschap
Onroerend goed in de notariële wereld
Enkele opmerkingen van de auteur bij de presentatie van het boek 'Privaatrechtelijke aspecten van onroerend goed' in het gebouw van de Stichting tot bevordering der notariële wetenschap te Amsterdam op 5 september 2003
De specialisatie die is opgetreden in mijn notariële loopbaan — en daardoor uiteindelijk ook de totstandkoming van het vandaag gepresenteerde boek - vindt haar diepere oorzaak in een steeds groter wordend gevoel van onbehagen. Nu ben ik niet een man die onbehagen koestert, althans niet langdurig, zodat daarvoor wel een belangrijke reden moet zijn geweest. Ik zal u daarvan graag op de hoogte stellen.
Dit gevoel van onbehagen nu, was gelegen in de situatie die ik aantrof in de Nederlandse notariële wereld gedurende de tijd dat ik mij daarin als kandidaat-notaris bewoog.
Ik was in 1963 in dienst getreden bij een niet onbelangrijk notariaat, het Amsterdamse kantoor van de toenmalige notarissen Van Steeg en Mekking, dat veel bouwondernemers en projectontwikkelaars onder zijn cliënten telde; een interessante praktijk.
De keuze om op dit kantoor te gaan werken was niet toevallig: onroerend goed in al zijn juridische facetten boeide mij, hetgeen onder andere kwam door de colleges zakenrecht die ik in de voorgaande jaren bij prof. Gerbrandy had gevolgd.
Het viel mij al spoedig op, dat mijn beide patroons scherpzinnige juristen waren, die bestaande rechtsconstructies kritisch bezagen en verder ontwikkelden, maar die ook aan de wieg stonden van enkele nieuwe rechtsfiguren. Ik noem appartementsplitsingen en flatcoöperaties, particuliere erfpacht ter bevordering van de verkoop, algemene hypotheekvoorwaarden en bijzondere financieringsconstructies, en last but not least, economische eigendomsoverdracht. Kortom, er viel op…