De vertrouwenspersoon: typen, taken en dilemma’s
Werknemers die op het werk last ervaren van pesten, seksuele intimidatie, agressie en discriminatie kunnen voor opvang en begeleiding terecht bij de vertrouwenspersoon ongewenste omgangsvormen. Werknemers bij de overheid die vermoedens hebben van integriteitsschendingen kunnen daarmee terecht bij de vertrouwenspersoon integriteit. Sommige vertrouwenspersonen combineren beide functies, binnen de meeste organisaties bestaan deze functies echter naast elkaar. In dit artikel wordt de functie vertrouwenspersoon belicht. Hoe is deze functie ontstaan, welke zijn de taken en verantwoordelijkheden van vertrouwenspersonen, hoe hanteren zij de vertrouwelijkheid, en welke zijn de kritische succesfactoren voor deze functie. En tot slot: werkt het wel, die functie vertrouwenspersoon?
In de jaren tachtig van de vorige eeuw ontstond massaal aandacht voor seksueel geweld jegens vrouwen en meisjes. Er werd onderzoek gedaan naar seksueel geweld in de intieme relatie, in het gezin, op school, binnen de kerk, de sport en op het werk. Een onderzoek door journalistes van het blad Viva in 1981 was spraakmakend: maar liefst 86 procent van de 386 vrouwen die een vragenlijst beantwoordden over ongewenste intimiteiten op het werk bleek daar last van te hebben (gehad). Van hen nam 19 procent om die reden ontslag. De auteurs kwamen met deze feiten op tv, na de uitzending bood de vakbond nazorg. Vanaf dat moment kon men niet meer om het fenomeen van ongewenste intimiteiten op het werk heen. Er werd méér onderzoek gedaan en de overheid en de vakbonden verdiepten zich erin.
De lukraak gekozen term ‘ongewenste intimiteiten’ wordt in 1990 vervangen door seksuele intimidatie (analoog aan het Engelstalige sexual harassment). Na allerlei inspanningen van de overheid, de SER…