Naar de inhoud

JA 2011/56, Hoge Raad 's-Gravenhage 01-04-2011, BP1475, 09/03245 (met annotatie van mr. A. Kolder)

Inhoudsindicatie

Kwalitatieve aansprakelijkheid, Bedrijfsmatig gebruik, Bezit

Samenvatting

De tienjarige X raakt ernstig gewond, doordat zij in haar gezicht wordt getrapt door een paard. Het paard behoorde in eigendom toe aan Y. Het ongeval vond plaats na afloop van een training in de manege van Z, waar het paard tegen betaling “ter belering” (trainen, africhten en zadelmak maken) was ondergebracht. De ouders van X spreken Y als bezitter van het paard ex art. 6:179 BW tot vergoeding van…

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak01-04-2011
PublicatieJA 2011/56 (Sdu Jurisprudentie Aansprakelijkheid), aflevering 4, 2011
Annotator
  • mr. A. Kolder
Zaaknummer09/03245
LJN LJN:BP1475, LJN:BP1475
RechtsgebiedContracten, schade en aansprakelijkheid
Rubriek Risicoaansprakelijkheid
Rechters
  • mr. Beukenhorst
  • mr. Van Buchem-Spapens
  • mr. Hammerstein
  • mr. Van Schendel
  • mr. Bakels
Partijen [Eiseres] te [woonplaats],
eiseres tot cassatie,
advocaten: mr. J. van Duijvendijk-Brand en mr. M.E.M.G. Peletier,
tegen
[verweerder] te [woonplaats],
verweerder in cassatie,
advocaat: mr. R.A.A. Duk.
 
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en [verweerder].
Regelgeving
  • BW Boek 6 - 179
  • BW Boek 6 - 181