Naar de inhoud

Juridische splitsing in de notariële praktijk (2001.27.2213)

Bespreking van de praktische toepassingsmogelijkheden van de juridische splitsing. De term ‘splitsing’ omvat zowel de zuivere splitsing als de afsplitsing. Onderscheidend criterium daarbij is of de splitsende rechtspersoon na de splitsing wel (afsplitsing) of niet (zuivere splitsing) blijft voortbestaan. Na bespreking van het wettelijk kader komen toepassingsmogelijkheden van de afsplitsing aan de orde, waarbij worden behandeld de holdingstructuur, de holdingstructuur met meerdere dochtervennootschappen, afsplitsing naar een zustervennootschap, afsplitsing naar een dochtervennootschap gevolgd door overdracht van de aandelen, het omzetten van een VOF of CV in een dochter-BV, het creëren van een onroerendgoedvennootschap, de afsplitsing buiten concern en beursvennootschappen (driehoekssplitsing).

Bij de toepassingsmogelijkheden van de zuivere splitsing wordt aandacht besteed aan de ruziesplitsing of beëindiging van een joint venture, de zuivere splitsing naar bestaande of naar door derden opgerichte verkrijgende vennootschappen, ruziesplitsing als variant op de uitkoopregeling, splitsing van een vennootschap met houders van meerdere soorten aandelen, splitsing in geval van insolventie en de internationale/grensoverschrijdende splitsing.

Vervolgens wordt de splitsingsprocedure besproken en de aansprakelijkheid voor nakoming van verbintenissen bij splitsing. Ten slotte wordt aandacht besteed aan de aanzienlijke notariële verantwoordelijkheid bij de splitsing.

D.F.M.M. Zaman

WPNR 2001/6447 blz. 517

WPNR 2001/6448 blz. 533

Wetgeving
Jurisprudentie
Officiële publicaties
Europese regelgeving
Soort nieuwsLiteratuur
Publicatiedatum07-05-2009
Nummer2001/0340