Naar de inhoud

Liquidatie-uitkering is voor verdrag dividend

Samenvatting

Belanghebbende woont in België en heeft een aanmerkelijk belang in een Nederlandse bv. In 2005 en 2006 heeft belanghebbende liquidatie-uitkeringen ontvangen. In geschil is of deze belast zijn op grond van art. 10 of art. 13 Verdrag Nederland-België. De rechtbank oordeelt dat uit Protocol I van het verdrag blijkt dat onder de uitdrukking ‘inkomsten uit vermogen’ niet wordt begrepen onder meer inkomsten genoten bij het inkopen van aandelen. Een liquidatie-uitkering is volgens het verdrag dus dividend. Om die reden mag Nederland inkomstenbelasting heffen. De stelling van belanghebbende dat in dat geval de inspecteur een naheffingsaanslag dividendbelasting op had moeten leggen, wordt verworpen.

(Beroep ongegrond.)

Commentaar

Deze rechtbankuitspraak verrast niet. Sterker nog, het geschil had naar mijn mening helemaal niet hoeven ontstaan, aangezien het protocol behorende bij het belastingverdrag Nederland-België duidelijk is. Punt 15 van Protocol I bepaalt namelijk expliciet dat inkomsten uit de inkoop van aandelen door een vennootschap en de inkomsten genoten bij de liquidatie van een vennootschap worden beheerst door art. 10 (inzake dividenden) en niet door art. 13 (inzake vermogenswinsten):

‘Het is wel te verstaan dat de uitdrukking “voordelen uit de vervreemding” niet omvat inkomsten genoten bij het inkopen van aandelen door, of bij de liquidatie van een vennootschap. Die inkomsten worden beheerst door de bepalingen van artikel 10.’

Dit lijkt mij een tamelijk duidelijke tekst. Als gevolg komt in casu een (beperkte) heffingsrecht over de liquidatie-uitkeringen toe aan Nederland.

1) mr. W.W. Monteiro, Mr. W.W. Monteiro…