Naar de inhoud

Sign. - De Hoge Raad en vereenzelviging bij vermogensafscherming: Rainbow revisited (WPNR 2017/7136, mr.dr. J. Elbers)

Een belangrijke rechtsvraag in een uitspraak van de Hoge Raad van 7 oktober 2016 is of er sprake is van crediteursbenadeling die gepaard gaat met misbruik van het identiteitsverschil tussen (rechts)personen. Daarbij is de concrete vraag of het voor verhaal afschermen van de juridische eigendom van de villa (i) op zakelijke gronden is geschied en (ii) aansluit bij de werkelijke (economische) situatie. Het hof onderkent die concrete vraag niet. De Hoge Raad wijst mede daarom het geding terug naar het hof. Een andere belangrijke rechtsvraag in deze procedure is of er grond is voor vereenzelviging voor doorbraak van de (exclusieve) aansprakelijkheid wegens misbruik van het identiteitsverschil. Het antwoord van de Hoge Raad daarop luidt ontkennend. De Hoge Raad handhaaft het criterium uit het Rainbow-arrest waarin is geconcludeerd dat als de crediteursbenadeling in de vorm van vermogensvermindering gepaard gaat met misbruik van het identiteisverschil, zijn voor de toepassing van vereenzelviging uitzonderlijke omstandigheden vereist. Verder oordeelt de Hoge Raad dat vereenzelviging bovendien met de doelstellingen van de invoering van de SPF op gespannen voet staat. Dit (aanvullende) argument overtuigt de auteur echter niet. Bij de rechtspersoonsvorm SPF behoren voor de toepassing van vereenzelviging in beginsel geen strengere voorwaarden te gelden dan bij andere rechtspersoonsvormen.