Naar de inhoud

Sign. - Raad voor de Kinderbescherming onder de loep

De Raad voor de Kinderbescherming wordt de komende tijd stevig tegen het licht gehouden. Een bijzondere leerstoel jeugdbescherming aan de universiteit van Utrecht zal de komende vijf jaar onderzoek doen naar de taken en verantwoordelijkheden van de Raad bij het ingrijpen in gezinssituaties. De Raad benadrukt dat het initiatief voor het onderzoek van de instelling zelf komt.
Volgens de Raad is er steeds vaker discussie over wanneer nu wel en wanneer niet moet worden ingegrepen. 'Maar waar ligt de grens?', vraagt directeur Marie-Louise van Kleef zich af. 'Verwacht de samenleving een terughoudende overheid, of moet er juist vaker in gezinssituaties worden ingegrepen?'
Het ministerie van Veiligheid en Justitie onderschrijft de bevindingen van Van Kleef en stelt dat nieuwe wetenschappelijke inzichten nodig zijn over al dan niet ingrijpen bij ouders die het bij de opvoeding van kinderen te bont maken. Het onderzoek staat onder leiding van hoogleraar Ido Weijers, die In zijn oratie op 20 januari stelde dat kinderbeschermers terughoudend moeten omgaan met ouder-kindrelaties, ook als de opvoeding niet helemaal naar hun smaak is of in hun ogen duidelijke tekortkomingen vertoont. Onderzoek laat zien dat het met de jeugd en de opvoeding in ons land 'uitstekend' gesteld is, aldus Weijers: 'Laat kinderbeschermers, net als artsen, vooral een afwachtend beleid voeren. En laten we al onze energie en middelen richten op de ernstige gevallen.'

(ANP)