Sign. - Werkgever heeft voldaan aan aanzegverplichting. Ontvangsttheorie art. 3:37 lid 3 BW geldt. Dat werknemer zijn post niet heeft laten waarnemen tijdens zijn vakantie komt voor zijn rekening en risico (Rb. Rotterdam 23 december 2015, ECLI:NL:RBROT…
Werknemer treedt op 10 september 2012 voor de bepaalde duur van zes maanden in dienst van werkgever, waarna de arbeidsovereenkomst aansluitend met zes maanden wordt verlengd. Per 10 september 2013 wordt de arbeidsovereenkomst nogmaals verlengd met twee jaren. Op 23 juli 2015 heeft werknemer een functioneringsgesprek met zijn teamleider. Van 24 juli 2015 tot 24 augustus 2015 gaat werknemer met vakantie in Kaapverdië. Bij brief van 30 juli 2015 bericht werkgever werknemer dat zijn arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd met ingang van 11 september 2015 van rechtswege eindigt. Werknemer verzoekt de kantonrechter werkgever te veroordelen tot betaling van de (naar rato) aanzegvergoeding wegens het niet in acht nemen van de juiste aanzegtermijn door werkgever. De kantonrechter oordeelt als volgt. Werknemer heeft betoogd dat, hoewel werkgever de brief van 30 juli 2015 op zich tijdig aan zijn huisadres heeft doen toekomen, de aan art. 7:668 BW ten grondslag liggende beschermingsgedachte met zich brengt dat werkgever daarmee niet voldaan heeft aan haar aanzegverplichting, nu zij wist dat werknemer tot aan 24 augustus 2015 in Kaapverdië vakantie genoot en hij daarom op zijn vroegst op die datum – en dus te laat – van de inhoud van die brief kennis kon nemen. Hierin kan werknemer niet worden gevolgd. Op grond van art. 3:37 lid 3 BW geldt dat een tot een bepaalde persoon gerichte verklaring, om haar werking te hebben, die persoon moet hebben bereikt, tenzij het niet-bereiken het gevolg is van omstandigheden die de persoon van de geadresseerde betreffen. Niet in geschil is dat die brief in ieder geval vóór 10 augustus 2015 op het woonadres van werknemer is bezorgd. …