Wijzigingen in huurtoeslag en regels rond huurverhoging per 1 januari 2017
Per 1 januari 2017 is een aantal regels op het gebied van de huurtoeslag en de te berekenen huurverhoging voor de sociale huursector aangepast. Het gaat om aanpassing van normbedragen aan de prijsontwikkeling van het afgelopen jaar. Maar ook worden enkele beleidswijzigingen van kracht. Het gaat daarbij om de huursombenadering en de bijgestelde regels over de inkomensafhankelijke huurverhoging.
Huurtoeslag
In 2017 krijgen huishoudens met recht op een huurtoeslag een hogere uitkering: € 10,50 extra per maand. Dat is het gevolg van het verlagen van de basishuur: de huur die huishoudens met recht op huurtoeslag minimaal zelf moeten betalen. Het besluit is opgenomen in het Staatsblad 2016, nr. 499. Het gaat om een maatregel die onderdeel is van het inkomensbeleid van het kabinet.
De maximale inkomensgrens voor huishoudens om in aanmerking te komen voor huurtoeslag stijgt jaarlijks. Voor alleenstaanden ligt die in 2017 op € 22.200; voor meerpersoonshuishoudens onder de AOW-leeftijd op € 30.150 en voor meerpersoonshuishoudens met per 1 januari een persoon boven de AOW-leeftijd op € 30.175. De zogenaamde kwaliteitskorting ligt in 2017 op € 414,02; de aftoppingsgrens voor een- of tweepersoonshuishoudens op € 592,55 en voor grotere huishoudens op € 635,05. De huurtoeslaggrens en de liberalisatiegrens blijven staan op € 710,68. Deze besluiten staan vermeld in de Staatscourant 2016, nr. 67448.
Huurverhoging in 2017
In 2017 wordt de huursombenadering weer ingevoerd. Enkele jaren geleden was die afgeschaft, maar mede vanwege het betaalbaar houden van de sociale woningvoorraad weer van stal gehaald. Vanaf 1 januari 2017 mag de gemiddelde huursom voor zelfstandige woningen van woningcorporaties in een kalenderjaar (van 1 januari tot 1 januari) stijgen op basis van de volgende formule: inflatie + 1 procentpunt. Dat betekent voor 2017 een huursomstijging van 1,3%. Het gaat daarbij om de opbrengst uit de jaarlijkse huurverhoging plus die uit de huurverhoging bij huurdersmutatie (huurharmonisatie). Deze regel geldt niet voor particuliere verhuurders.
Er zijn enkele uitzonderingen op deze huursomregel. Geliberaliseerde woningen vallen buiten deze regeling evenals woningen waarvan de huurprijs per 1 juli 2017 inkomensafhankelijk wordt verhoogd op voorwaarde dat in de prestatieafspraken staat dat deze extra huurinkomsten worden ingezet voor investeringen. Ook tellen de inkomsten van onzelfstandige woonruimten niet mee. Hetzelfde geldt voor woningen die 2017 voor het eerst of voor het laatst zijn verhuurd of waarvan de huurprijs in 2017 vanwege woningverbetering is verhoogd.
Inkomensafhankelijke huurverhoging
De inkomensgrens voor de inkomensafhankelijke huurverhoging in 2017 is € 40.349 (gezamenlijk inkomen van huidige bewoners over 2015). De toegestane maximale verhogingspercentages zijn:
• 2,8% (inflatie + 2,5 procentpunt) voor huishoudens met een inkomen tot € 40.350.
• 4,3% (inflatie + 4 procentpunt) voor huishoudens met een inkomen boven de € 40.349.
De woningcorporaties moeten zich houden aan de vastgelegde grenzen wat betreft de stijging van de totale huuropbrengst (zie onder Huurverhoging in 2017). Dat geldt niet voor de particuliere verhuurders. Twee groepen huishoudens zijn uitgezonderd van de inkomensafhankelijke huurverhoging: huishoudens met een lid boven de AOW-grens bestaande uit vier of meer personen en de groep chronisch zieken, gehandicapten en mantelzorgers. Voor deze huishoudens geldt ongeacht het inkomen een maximale huurverhoging 2,8%.
Woningtoewijzing
Per 1 januari 2017 moet ten minste 80% van de vrijkomende sociale huurwoningen van toegelaten instellingen toegewezen worden aan huishoudens met een inkomen tot € 36.165. Woningcorporaties mogen maximaal 10% van de vrijkomende sociale huurwoningen toewijzen aan huishoudens met een jaarinkomen tussen de € 36.165 en € 40.349. Van de vrijkomende sociale huurwoningen kan ten hoogste 10% worden toegewezen aan huishoudens met een inkomen boven de € 40.349. Dat laatste kan wel beperkt worden door afspraken in de plaatselijke huisvestingsverordening of gemaakte lokale prestatieafspraken. Zie: aanpak-scheefwonen.
| Wetgeving | |
|---|---|
| Jurisprudentie | |
| Officiële publicaties | STB 2016, 499 Regeling huurtoeslaggrenzen 2017 |
| Europese regelgeving | |
| Soort nieuws | Wetgeving |
| Publicatiedatum | 12-01-2017 |
| Nummer | 2017/0007 |